<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Wetenschap &#8211; Spierinzicht</title>
	<atom:link href="https://spierinzicht.com/thema/wetenschap/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://spierinzicht.com</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Wed, 13 Oct 2021 13:38:04 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=7.1.3</generator>

<image>
	<url>https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2020/01/cropped-logo-ball-32x32.jpg</url>
	<title>Wetenschap &#8211; Spierinzicht</title>
	<link>https://spierinzicht.com</link>
	<width>32</width>
	<height>32</height>
</image> 
	<item>
		<title>Randomized clinical trial for the management of chronic mechanical neck pain</title>
		<link>https://spierinzicht.com/effectiveness-of-dry-needling-for-upper-quarter-myofascial-pain/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[spierinz]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 17 May 2021 12:58:30 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wetenschap]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://spierinzicht.com/?p=2115</guid>

					<description><![CDATA[Een vergelijking van myofasciale triggerpoints bij dry needling en manueel triggerpoint therapie waarbij er gekeken wordt naar pijn, functie, drukpijn en sensitiviteit...]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[		<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="2115" class="elementor elementor-2115" data-elementor-post-type="post">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-f1e64e2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="f1e64e2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-87725ad" data-id="87725ad" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-99fc06a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="99fc06a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>Comparison of the short -term outcomes between trigger point dry needling and trigger point manual therapy for the management of chronic mechanical neck pain: a Randomized clinical trial</p><p>Auteurs: Llamas-Ramos R, Pecos-Martín D, Gallego-Izquierdo T, Llamas-Ramos I, Plaza-Manzano G, Ortega-Santiago R, Cleland J, Fernández-de-Las-Peñas C.</p><p>Samenvatting: Terenci Garcia, Thijs en Michiel</p><p>Soort studie: RCT</p><h4>Objectief</h4><p>Een vergelijking van myofasciale triggerpoints bij dry needling en manueel triggerpoint therapie waarbij er gekeken wordt naar pijn, functie, drukpijn en sensitiviteit, cervicale range of motion bij patiënten met chronische nekpijn.</p><h4>Achtergrond</h4><p>Er is recent evidentie gevonden en de evidentie suggereert dat TrP DN een effectievere vorm van behandeling is bij patiënten met nekpijn. Er zijn jammer genoeg nog geen studies die de uitkomsten van DN en TrP MT hadden vergeleken bij deze doel groep.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
				<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3130442" data-id="3130442" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-b3669b9 elementor-toc--minimized-on-mobile elementor-widget elementor-widget-table-of-contents" data-id="b3669b9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-settings="{&quot;headings_by_tags&quot;:[&quot;h4&quot;],&quot;exclude_headings_by_selector&quot;:[],&quot;minimized_on&quot;:&quot;mobile&quot;,&quot;marker_view&quot;:&quot;numbers&quot;,&quot;no_headings_message&quot;:&quot;Er zijn geen kopteksten gevonden op deze pagina.&quot;,&quot;minimize_box&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;hierarchical_view&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;min_height&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_tablet&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_mobile&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]}}" data-widget_type="table-of-contents.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="elementor-toc__header">
						<h4 class="elementor-toc__header-title">
				Pagina inhoud			</h4>
										<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--expand" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Open inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-down"></i></div>
				<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--collapse" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Sluit inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-up"></i></div>
					</div>
				<div id="elementor-toc__b3669b9" class="elementor-toc__body">
			<div class="elementor-toc__spinner-container">
				<i class="elementor-toc__spinner eicon-animation-spin eicon-loading" aria-hidden="true"></i>			</div>
		</div>
						</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-e7f97b3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="e7f97b3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<a href="https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/25269764" target="_blank" rel="noopener">Dit artikel in PubMed lezen</a>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-39c11fa elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="39c11fa" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-14e1fcd" data-id="14e1fcd" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-7fecd2a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="7fecd2a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<h4>Methode</h4>
<p>Er zijn 94 patiënten waarvan 47 vrouwen en 47 mannen. De gemiddelde leeftijd is 31 jaar met een SD van drie jaar. De inclusie criteria voor het onderzoek zijn patiënten met mechanische nek pijn gedefineerd door de volgende symptomen: pijn in de nek schouder regio, pijn provoceerbaar met bewegen van de nek en het zitten in een bepaalde houding en palpatie van de cervicale nek musculatuur.</p>
<p>De exclusie criteria voor het onderzoek waren: whiplash ongeluk, cervicale operatie in het verleden, cervicale radiculopathie of myelopathy, gediagnosticeerd met fibromyalgie, fysiotherapie in het afgelopen jaar, angstig voor naalden, contra-indicaties voor dry needling. Daarnaast zijn de patiënten gescreend op bepaalde pathologie (horner’s syndroom) en ook is er gekeken naar de cervicale instabiliteit op basis van ligamenten (sharp-purser test, alar ligament stress test, transverse ligament test). De diagnose voor het aanwezig zijn van triggerpoints: een overgevoelige plek in de palpabele strakke band van de spier, het palperen of waarnemen van een twitch, het opwekken van uitstralende pijn die vrijkomt bij het palperen van de gevoelige plek in de spier. De diagnose voor het aanwezig zijn van triggerpoints: een overgevoelige plek in de palpabele strakke band van de spier, het palperen of waarnemen van een twitch, het opwekken van uitstralende pijn die vrijkomt bij het palperen van de gevoelige plek in de spier.</p>
<p>De meetinstrumenten die zijn gebruikt om verbetering te objectiveren zijn de NRS, NPQ, druk gevoeligheid op de procesus spinosus van C7, de cervicale mobiliteit (flexie-extensie, lateroflexie en rotatie). Verbetering met de NRS werd gezien als de score met één of twee punten is gedaald. Verbetering met de NPQ werd gezien met een score die 25% is gedaald.</p>
<p>Verbetering met de mobiliteit werd gezien als de mobiliteit met 5 of 10 graden is toegenomen. Het behandelen van TrP volgens de manuele manier is gedaan middels drukpunt therapie. De triggerpoint in de M. trapezius descendens werd met opbouwende druk behandeld tot dat de therapeut een verlichting waarnam van de strakke band. Dit proces werd 3 keer herhaald elke behandelsessie. De tweede techniek die werd gebruikt was het rekken van de strakke band, dit werd gedaan door de TrP te omvatten met beide handen en met langzaam opbouwende druk de duimen in tegengestelde richting te laten glijden van de TrP af. De patiënt werd behandeld zonder het veroorzaken van pijn. De trapezius descendens werd ook nog passief gerekt voor 45sec na de manuele behandeling.</p>
<h4>Resultaten</h4>
<p>Van de 100 patiënten voldeden er 94 aan de inclusiecriteria. Deze werden gerandomiseerd in TrP DN groep (N=47) of de Trp MT groep (N=47). De effecten binnen beide groepen waren groot. (SMD &gt;2.8) De verschillen tussen beide groepen waren klein. (SMD&lt;0.21) De effecten waren in de uitkomstmaten groot en vergelijkbaar. Behalve in de Pain pressure pain sensitivity. De effecten bleken groter in de TrP DN dan in de TrP MT.</p>
<h4>Conclusie</h4>
<p>Twee sessies van TrP MT en TrP DN hebben vergelijkbare uitkomsten in functie, vermindering in pijn en AROM. TrP DN heeft een statistisch significant groter effect op Pressure pain sensitivity (PPT) dan TrP MT. Er is meer onderzoek nodig in de vorm van een controle groep die geen interventie krijgt.</p>
<h4>Discussie</h4>
<p>De resultaten suggereren dat twee sessies van Tr DN vergelijkbare uitkomsten heeft als twee sessies van Tr MT bij patiënten met cervicale pijn. Beide groepen hebben significante klinische vooruitgang gemaakt in de uitkomstmaten. Aangezien de onderzoeksgroep geen controle groep zonder interventie geincludeerd had valt er niet te zeggen of de klinische vooruitgang kwam door het verstrijken van de tijd of door de interventies. Klinische richtlijnen suggereren dat manuele fysiotherapie inclusief gewrichtmobilisaties en oefentherapie een positief effect hebben op cervicale pijn. Diezelfde richtlijnen raden MT en DN niet aan bij cervicale pijn. Dit is niet omdat er evidentie tegen MT of DN maar omdat er onvoldoende kwalitatieve studies zijn die dit aan tonen. Het zou dus interessant zijn om de effecten van TrP MT/TrP DN te vergelijken met een pragmatische benadering van MT en OT en de resultaten hiervan tegen over elkaar te zetten. Fysiotherapeuten hanteren doorgaans een multimodale benadering van de klachten. Het zou dus ook interessant zijn om te onderzoeken of TrP MT/TrP DN samen met OT/MT tegenover een controlegroep waarbij alleen OT/MT wordt toegepast. In de gegevens van de studie is voortgekomen dat er een statische significant verschil is tussen PPT bij TrP MT en Trp DN. Dit verschil zou kunnen komen omdat er bij MT verschillende hoeveelheden druk zou kunnen worden gebruikt. Trp DN heeft hierin het voordeel dat het altijd dezelfde stimulatie geeft mits er op de juiste locatie wordt geprikt.</p>
<p>De behandelingen voor dit onderzoek is maar door twee therapeuten uitgevoerd. Dit zou op andere onderzoeken invloed kunnen hebben als die door meerdere therapeuten worden uitgevoerd.</p>
<p>Er is in dit onderzoek maar 1 spier behandeld. Referred pain in de cervicale regio kan ook vanuit de levator scapulae, splenius cervicis, cervical multifidus, semispinalis cervicis, of scalenes komen.</p>
<p>Geen lange termijn data bekend.</p>
<p>Geen reflectie van de werkelijkheid aangezien fysiotherapeuten een multimodale benadering hanteren.</p>
<p>Er zijn maar 2 sessies gebruikt. Dus geen data bekend over de effecten van langere behandelingen.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div>
		]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Effectiveness of dry needling on reducing pain intensity</title>
		<link>https://spierinzicht.com/effectiveness-of-dry-needling-on-reducing-pain-intensity/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[spierinz]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 16 May 2021 18:14:38 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wetenschap]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://spierinzicht.com/?p=2141</guid>

					<description><![CDATA[Myofasciaal pijnsyndroom (MPS) is een van de meest frequente oorzaken van musculoskeletale chronische pijn. Myofasciale triggerpoints (MTP) veroorzaken MPS door de aanwezigheid van overgevoelige knobbeltjes.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[		<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="2141" class="elementor elementor-2141" data-elementor-post-type="post">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-f1e64e2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="f1e64e2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-87725ad" data-id="87725ad" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-99fc06a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="99fc06a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>Effectiveness of dry needling on reducing pain intensity in patients with myofascial pain syndrome: a Meta-analysis.</p><p>Auteurs: Rodríguez-Mansilla J, González-Sánchez B, De Toro García Á, Valera-Donoso E, Garrido-Ardila EM, Jiménez-Palomares M, González López-Arza MV</p><p>Samenvatting: Marijke, Tessa en Anneke de Groot</p><h4>Inleiding</h4><p>Myofasciaal pijnsyndroom (MPS) is een van de meest frequente oorzaken van musculoskeletale chronische pijn. Myofasciale triggerpoints (MTP) veroorzaken MPS door de aanwezigheid van overgevoelige knobbeltjes. De MTP is een over geprikkelde structuur, gelokaliseerd in de gespannen band van een spier. Als deze wordt gestimuleerd is de MTP verantwoordelijk voor ‘reffered pain’ en aspecifieke pijn met een gevarieerde intensiteit. De theorie die het meest wordt aangenomen, wat betreft de MTP, is beschreven door Simons in 1996. Volgens deze theorie vormt de MTP een neuromusculaire pathologie geïnitieerd door een pre-synaptische disfunctie van de motorplaat gekenmerkt door een overmatige afgifte van acetylcholine in de synaptische spleet die een plaatselijke pijn van het sarcomeer dichtst bij de motorplaat veroorzaakt.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
				<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3130442" data-id="3130442" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-b3669b9 elementor-toc--minimized-on-mobile elementor-widget elementor-widget-table-of-contents" data-id="b3669b9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-settings="{&quot;headings_by_tags&quot;:[&quot;h4&quot;],&quot;exclude_headings_by_selector&quot;:[],&quot;minimized_on&quot;:&quot;mobile&quot;,&quot;marker_view&quot;:&quot;numbers&quot;,&quot;no_headings_message&quot;:&quot;Er zijn geen kopteksten gevonden op deze pagina.&quot;,&quot;minimize_box&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;hierarchical_view&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;min_height&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_tablet&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_mobile&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]}}" data-widget_type="table-of-contents.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="elementor-toc__header">
						<h4 class="elementor-toc__header-title">
				Pagina inhoud			</h4>
										<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--expand" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Open inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-down"></i></div>
				<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--collapse" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Sluit inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-up"></i></div>
					</div>
				<div id="elementor-toc__b3669b9" class="elementor-toc__body">
			<div class="elementor-toc__spinner-container">
				<i class="elementor-toc__spinner eicon-animation-spin eicon-loading" aria-hidden="true"></i>			</div>
		</div>
						</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-e7f97b3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="e7f97b3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p><a href="https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/26946612/" target="_blank" rel="noopener">Dit artikel in PubMed lezen</a></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-1a877b2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="1a877b2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-4a6587a" data-id="4a6587a" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a374ff9 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="a374ff9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>Evidentie laat zien dat conservatieve technieken voor het behandelen van MTP het meest worden gebruikt. Daarentegen is dry-neelding, geen conservatieve techniek, de nieuwste vorm van therapie voor het behandelen van MPS. Het wordt uitgevoerd door een naald in de MTP te steken op subcutaan- of spierniveau. De mechanische stimulus van de naald wordt gebruikt om de MTP te elimineren, zonder bijvoorbeeld een injectie te gebruiken, wat zorgt voor een lokaal spasme. De naald wordt eruit gehaald zodra de MTP is gedeactiveerd. Daarna moeten verstorende factoren van de MTP worden gecontroleerd om een terugval te voorkomen. Het mechanisme van dry-needling wordt gebaseerd op de ‘gate control’ theorie. Dry-needling zorgt voor de inhibitie van de C-vezels, die worden veroorzaakt door de pijn impulsen van de MTP. Deze inhibitie komt door een activatie van de A-delta vezels doordat de naald door de huid gaat en doordat de gespannen band van de MTP relaxt.</p><p>In dit artikel wordt de literatuur samengevat over de effectiviteit van dry-needling op het verminderen van pijn en het vergroten van de ROM in mensen met MPS.</p><h4>Methode</h4><p>Deze studie is een systematische review van gerandomiseerde onderzoeken.<br />Inclusiecriteria:</p><ul><li>Gepubliceerd vanaf januari 2000 tot januari 2013</li><li>Geschreven in het Engels of Spaans</li><li>Interventies waren gedaan bij patiënten met MPS (ongeacht locatie, intensiteit, duur)</li><li>Interventies gebaseerd op de dry-needling techniek</li></ul><p>Twee onafhankelijke reviewers hebben de zoekactie uitgevoerd. Er is gezocht in de volgende databases:</p><ul><li>MEDLINE</li><li>Dialnet</li><li>Cochrane Library Plus</li><li>PEDro</li><li>CSIC</li></ul><p>Van de geïncludeerde studies werd de volgende data onttrokken:</p><ul><li>Onderzoeksopzet</li><li>Doel van de studie</li><li>Beschrijving van de interventie, controle en experimentele groepen</li><li>Follow-up periode</li><li>Uitkomstmaten</li></ul><p>De analyse van de methodologische kwaliteit van de geïncludeerde studies werd gedaan met behulp van de PEDro schaal.</p><p>Als er homogeniteit werd geobserveerd, werd een ‘fixed effect model’ gebruikt. Bij heterogeniteit werd een ‘random effect model’ gebruikt.</p><h4>Resultaten</h4><p>19 studies voldeden aan de opgestelde inclusie en exclusie criteria. 9 studies van de totaal 19 zijn niet meegenomen in de meta-analyse omdat deze niet voldoende bruikbaar waren. De overgebleven 10 studies zijn onderverdeeld in 10 subgroepen.</p><p>De subgroepen met de bijbehorende kenmerken:</p><p>A) Dry needling versus Placebo Pijn intensiteit (VAS) Gemeten voor en direct na de behandeling</p><p>B) Dry Needling versus controle groep (geen interventie) Pijn intensiteit (VAS) Gemeten voor en direct na de behandeling</p><p>C) Dry needling versus andere behandelingen Pijn intensiteit (VAS ) Gemeten voor en direct na de behandeling</p><p>D) Dry needling versus andere behandelingen Pijn intensiteit (VAS) Gemeten voor de behandeling en 3 tot 4 weken na de behandeling</p><p>E) Dry needling versus Placebo Range of motion (ROM) Gemeten voor en direct na de behandeling</p><p>F) Dry needling versus andere behandelingen Range of motion (ROM) Gemeten voor en direct na de behandeling</p><p>G) Dry needling versus andere behandelingen Range of motion (ROM) Gemeten voor de behandeling en 3 tot 4 weken na de behandeling</p><p>De gevonden resultaten per subgroep:</p><ol><li>Dry needling bleek effectiever dan placebo echter de gevonden waarden waren niet significant.</li><li>Significant verschil gevonden, waarbij dry needling effectiever is dan geen interventie.</li><li>Andere behandelingen bleken effectiever dan dry needling op zeer kort termijn echter de gevonden waarden waren niet significant.</li><li>Significant verschil gevonden, waarbij andere behandelingen effectiever bleken dan dry needling op langer termijn.</li><li>Dry needling bleek significant beter dan de placebo groep.</li><li>Significant verschil gevonden, waarbij andere behandelingen effectiever bleken dan dryneedling op korte termijn.</li></ol><p>Dry needling blijkt dus effectief te zijn, echter zijn andere behandelingen effectiever dan dry needling.</p><h4>Discussie</h4><p>De studies die gebruikt worden in deze studie zijn heterogeen en de vergelijkende interventies worden door het artikel beoordeeld als beperkt en omdat er weinig artikelen geïncludeerd konden worden was het moeilijk om een conclusie te kunnen trekken uit het de resultaten. Wel is in de resultaten te vinden dat er sprake is van pijnverlichting na de dryneedling behandeling in vergelijking met de placebo behandeling. Wel is in de resultaten te vinden dat de normale interventie nog meer effect gaf als de dry needling. Ook de range of motion was groter bij de normale interventie vergeleken met de dry needling. In andere studies vonden ze juist dat dry needling meer effect had dan andere interventies op de ROM. Ondanks de populariteit van dry needling zijn de bewijzen die gevonden worden niet consistent. In veel artikelen Als ze de artikelen vergelijken die gebruikt zijn voor de review zijn de resultaten niet consistent en vinden verschillende studies verschillende resultaten. De studie zelf heeft misschien een geschikte studie over het hoofd gezien bij de studie selectie en heeft hierdoor misschien een andere uitkomst. Verder is de conclusie dat er meer studies gedaan moeten worden naar dry needling als interventie by myofasciaal pijnsyndroom. Aan de hand van dit artikel is de gebruikelijke interventie waardevoller als de interventie met dry needling.</p><h4>Eigen bevindingen</h4><p>Bij het lezen van dit artikel waren verschillende dingen opvallend. Ten eerste was de onderzoeksvraag niet gericht op een specifieke patiëntengroep en was de voornaamste reden voor inclusie enkel het myofasciaal pijnsyndroom. Wat ook in de inleiding niet heel specifiek wordt uitgelegd. Daarnaast is de structuur van het artikel warrig en is het moeilijk om belangrijke informatie te vinden omdat het niet de gewoonlijke structuur van een artikel aanhoudt. Verder zijn de artikels die vergeleken worden heterogeen. De vergelijkende interventie is steeds verschillend en ook de klachten van de patiënten verschillen sterk. Zo zijn er artikelen die de interventie toepassen op de nek, maar zijn er ook studies die de interventie toepassen op de bil. Dit maakt dat het moeilijk is om de resultaten te vergelijken en maakt het ook moeilijk om de relevantie van het artikel te vinden. In de discussie worden zowel de resultaten van het onderzoek besproken en vergeleken met andere artikelen als dat de tekortkomingen van de studie benoemt worden. Op zich is dit gepast ware het niet dat dit door elkaar heenstaat en er niet voor is gekozen om dit onder kopjes te zetten zodat de onderwerpen gescheiden zijn van elkaar besproken worden. Al met al was dit artikel door de structuur moeilijk te lezen en kwamen bepaalde onderwerpen niet goed genoeg aan bod. Ook waren niet alle referenties in de tekst even sterk en was het taalgebruik vaak niet specifiek.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div>
		]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Effectiveness of dry needling for myofascial trigger points</title>
		<link>https://spierinzicht.com/effectiveness-of-dry-needling-for-myofascial-trigger-points/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[spierinz]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 16 May 2021 16:52:02 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wetenschap]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://spierinzicht.com/?p=2250</guid>

					<description><![CDATA[Het doel van dit onderzoek is om het huidige bewijs van de effectiviteit van dry needling van myofasciale triggerpoints (MTrPs) in verband met nek- en schouderpijn te evalueren.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[		<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="2250" class="elementor elementor-2250" data-elementor-post-type="post">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-f1e64e2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="f1e64e2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-87725ad" data-id="87725ad" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-99fc06a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="99fc06a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>Effectiveness of dry needling for myofascial trigger points associated with neck and shoulder pain: a systematic review and meta-analysis</p><p>Auteurs: Lin Lui et al. 2015</p><p>Samenvatting: Arno Schurer, Jossy Koster en Kevin Ruizendaal</p><h4>Doel van het onderzoek</h4><p>Het doel van dit onderzoek is om het huidige bewijs van de effectiviteit van dry needling van myofasciale triggerpoints (MTrPs) in verband met nek- en schouderpijn te evalueren.</p><h4>Methode</h4><p>In dit onderzoek scoorde twee onafhankelijke beoordelaars de artikelen middels PEDro scale.</p><p>De databases die zijn gebruikt zijn:</p><p>PubMed, EBSCO, Physiotherapy Evidence Database, ScienceDirect, The Cochrane Library, ClinicalKey, Wanfang Data Chinese database, China Knowledge Resource Integrated Database, Chinese Chongqing VIP Information, en SpringerLink databases.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
				<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3130442" data-id="3130442" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-b3669b9 elementor-toc--minimized-on-mobile elementor-widget elementor-widget-table-of-contents" data-id="b3669b9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-settings="{&quot;headings_by_tags&quot;:[&quot;h4&quot;],&quot;exclude_headings_by_selector&quot;:[],&quot;minimized_on&quot;:&quot;mobile&quot;,&quot;marker_view&quot;:&quot;numbers&quot;,&quot;no_headings_message&quot;:&quot;Er zijn geen kopteksten gevonden op deze pagina.&quot;,&quot;minimize_box&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;hierarchical_view&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;min_height&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_tablet&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_mobile&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]}}" data-widget_type="table-of-contents.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="elementor-toc__header">
						<h4 class="elementor-toc__header-title">
				Pagina inhoud			</h4>
										<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--expand" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Open inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-down"></i></div>
				<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--collapse" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Sluit inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-up"></i></div>
					</div>
				<div id="elementor-toc__b3669b9" class="elementor-toc__body">
			<div class="elementor-toc__spinner-container">
				<i class="elementor-toc__spinner eicon-animation-spin eicon-loading" aria-hidden="true"></i>			</div>
		</div>
						</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-e7f97b3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="e7f97b3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p><a href="https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/25576642/" target="_blank" rel="noopener">Dit artikel in PubMed lezen</a></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-1a877b2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="1a877b2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-4a6587a" data-id="4a6587a" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a374ff9 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="a374ff9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<h4>Inclusie criteria:</h4>
Artikelen diende RCT&#8217;s te zijn, hierbij werd er gekeken of dry needling als primaire behandeling werd toegepast bij  patiënten met MTrPs verband met nek- en schouderpijn.  Er moest minstens 1 uikomst maat gericht zijn op pijn hierbij diende de  NRS of VAS als meetinstrument.
<h4>Exclusie criteria:</h4>
Artikelen werden geëxcludeerd als de MTrPs niet werden gedefinieerd volgens de criteria van Simons et AL1. Ook werden artikelen waarbij er gekeken werd naar Latente MTrPs geëcludeerd.

Artikelen waarbij verschillende soorten dry needling met elkaar werd vergeleken werd geexcludeerd.

RCT proefpersonen moesten mensen zijn en wanneer er geen data betreft resultaten was te vinden, werden de artikelen niet gebruikt in dit onderzoek.
<h4>Resultaten</h4>
19/20 studies zijn hoog gekwalificeerd.

Bij 6/20 studies bleek dry needling een significant effect te hebben op de pijn klachten t.o.v. de controle groep.

7/20 studies geeft aan dat wet needling effectiever is dan dry needling op pijn op middellange en lange termijn
Conclusie

Dry needling kan worden aanbevolen voor het verlichten van MTrP pijn in de nek en schouders op de korte en middellange termijn, maar wet needling wordt effectiever bevonden dan dry needling bij het verlichten van MTrP pijn in nek en schouders op de middellange termijn.
<h4>Punten van discussie</h4>

<ul>
  <li>15/20 artikelen gaan niet over de westerse samenleving.</li>
    <li>In het screening word acupunctuur ook als interventie gebruikt.</li>
    <li>Gegevens zijn ontoereikend om conclusies te geven.</li>
    <li>Geen gegevens van follow up.</li>
    <li>De therapeuten zijn niet geblindeerd in het onderzoek.</li>
    <li>Fysiotherapeuten mogen geen wet needling uitvoeren.</li>
								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-c29df10 elementor-widget elementor-widget-image" data-id="c29df10" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="image.default">
				<div class="elementor-widget-container">
																<a href="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/totale-articles-found.png" data-elementor-open-lightbox="yes" data-elementor-lightbox-title="totale-articles-found" data-e-action-hash="#elementor-action%3Aaction%3Dlightbox%26settings%3DeyJpZCI6MjI4MiwidXJsIjoiaHR0cHM6XC9cL3NwaWVyaW56aWNodC5jb21cL3dwLWNvbnRlbnRcL3VwbG9hZHNcLzIwMjFcLzA1XC90b3RhbGUtYXJ0aWNsZXMtZm91bmQucG5nIn0%3D">
							<img decoding="async" src="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/elementor/thumbs/totale-articles-found-p79cmdhj1am646mouundew2ij8uzso59ktyoxwcmzk.png" title="totale-articles-found" alt="totale-articles-found" loading="lazy" />								</a>
															</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div>
		]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Fascial Components of the Myofascial Pain Syndrome</title>
		<link>https://spierinzicht.com/fascial-components-myofascial-pain-syndrome/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[spierinz]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 16 May 2021 16:35:21 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wetenschap]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://spierinzicht.com/?p=2298</guid>

					<description><![CDATA[MPS blijft een medisch raadsel. De mogelijke oorzaken zijn onbekend, behalve dat myofasciale triggerpoints (MTP) lijken te worden betrokken.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[		<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="2298" class="elementor elementor-2298" data-elementor-post-type="post">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-f1e64e2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="f1e64e2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-87725ad" data-id="87725ad" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-99fc06a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="99fc06a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>Auteurs: Antonio Stecco &amp; Marco Gesi &amp; Carla Stecco &amp; Robert Stern</p><p>Samenvatting: Vida Rastegar, Trischa Aberkrom en Lianne Slager</p><h4>Introductie</h4><p>MPS blijft een medisch raadsel. De mogelijke oorzaken zijn onbekend, behalve dat myofasciale triggerpoints (MTP) lijken te worden betrokken. Echter, de deelname van de fascia in MPS is minder goed beschreven en veel minder duidelijk. In het boek”Myofascial Pain and Dysfunction” van Simons staat geen vermelding wat betreft fascia. Dit weerspiegelt de mate waarin fascia werd genegeerd door artsen. Pas onlangs hebben auteurs gesuggereerd dat bindweefsel strakker kan worden bij overbelastingsklachten of na traumatische letsels, maar het is onduidelijk of dit als gevolg van een verandering in de samenstelling van collageenvezels, in fibroblasten of in de extracellulaire matrix is. Dezelfde auteurs suggereren dat de wijziging van fasciale flexibiliteit verslechterd wat kan leiden tot een slechte spierbiomechanica, houdingsveranderingen en een verminderde motorische coördinatie. Hieronder vindt u een overzicht van de fascia anatomie met nadruk op nieuwe aspecten van de fascia, de biologie en de verschillende hypothesen die de rol van fascia MPS verklaren.</p><h4>De anatomie van de fascia</h4><p>Voor de term diepe fascia worden dichte vezelachtige omhulsels bedoelt en omringt de spieren, botten, zenuwen, en bloedvaten van het lichaam. Al deze structuren zijn samengebonden in een stevige compacte massa. Bij botten wordt het periost genoemd, rond pezen vormt de perimysium, rond vaten en zenuwen vormt zich de neurovasculaire huls. Rond gewrichten wordt het versterkt door het kapsel en de ligamenten. Dus er wordt rekening gehouden met de perimysium, de neurovasculaire schede, en het periost als specialisatie van de diepe fascia. Niet alleen omdat ze in de verband staan met elkaar maar ook omdat ze dezelfde histologische kenmerken hebben. Er worden twee soorten gespierde fasciae onderscheden volgens de dikte en hun relaties met de onderliggende spieren: de aponeurotische fascia en de epimysium fascia.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
				<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3130442" data-id="3130442" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-b3669b9 elementor-toc--minimized-on-mobile elementor-widget elementor-widget-table-of-contents" data-id="b3669b9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-settings="{&quot;headings_by_tags&quot;:[&quot;h4&quot;],&quot;exclude_headings_by_selector&quot;:[],&quot;minimized_on&quot;:&quot;mobile&quot;,&quot;marker_view&quot;:&quot;numbers&quot;,&quot;no_headings_message&quot;:&quot;Er zijn geen kopteksten gevonden op deze pagina.&quot;,&quot;minimize_box&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;hierarchical_view&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;min_height&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_tablet&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_mobile&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]}}" data-widget_type="table-of-contents.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="elementor-toc__header">
						<h4 class="elementor-toc__header-title">
				Pagina inhoud			</h4>
										<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--expand" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Open inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-down"></i></div>
				<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--collapse" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Sluit inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-up"></i></div>
					</div>
				<div id="elementor-toc__b3669b9" class="elementor-toc__body">
			<div class="elementor-toc__spinner-container">
				<i class="elementor-toc__spinner eicon-animation-spin eicon-loading" aria-hidden="true"></i>			</div>
		</div>
						</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-e7f97b3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="e7f97b3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p><a href="https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/25576642/" target="_blank" rel="noopener">Dit artikel in PubMed lezen</a></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-1a877b2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="1a877b2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-4a6587a" data-id="4a6587a" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a374ff9 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="a374ff9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<h4>De Aponeurostische fascia</h4><p>Met de term aponeurotische fasciae bedoelen we alle “goed gedefinieerd vezelige scheden die de spier bedekken en op de plaats van een groep spieren of dienen voor als insertie van een brede spier ” Deze bundels zijn de beter bekend als bijvoorbeeld de thoracolumbalis fascia, de tensor fascia lata, de fascia cruris etc. Binnenin de aponeurotische fasciae zijn er veel vezeligachtige bundels die in verschillende richtingen lopen en deze zijn dan ook microscopisch zichtbaar. Hierdoor werd de aponeurotische fascia lang geclassificeerd als onregelmatig dicht bindweefsel. Recente onderzoeken hebben aangetoond dat de aponeurotische bundels worden gevormd uit twee of drie lagen parallel collageen vezelbundels, waarbij elke laag een gemiddelde dikte van 277 μm is. Deze lagen zijn samengesteld collageen met evenwijdige vezelbundels.De collageenvezels van aangrenzende lagen zijn georiënteerd in verschillende richtingen, en deze vormen hoeken van 75 ° -80 °. Dit patroon werd bevestigd door de 3D-reconstructie van de crural en thoracolumbale fascia. Elke laag is gescheiden van het naastgelegen laag door een dunne laag van los bindweefsel (gemiddelde dikte van 43 ± 12 μm) dat maakt het schuiven van de lagen over de aangrenzende mogelijk en kan elke laag als onafhankelijk kunnen worden beschouwd. Verschillende onderzoeken suggereren dat de aponeurotische fascia rijkelijk is geïnnerveerd, vooral in de oppervlakkige sublaag. Bij het analyseren van de relatie tussen deze zenuwuiteinden en het omliggende vezelig weefsel wordt het duidelijk dat de capsules van de bloedlichaampjes en vrije zenuwuiteinden nauw zijn verbonden met de omringende collageenvezels. Zo kunnen we aannemen dat deze zenuweindes kunnen worden uitgerekt en geactiveerd worden bij elke keer dat de omringende diepe fascia wordt uitgerekt. De mechanoreceptoren, die worden ondergedompeld in een vezelig stroma, zijn op deze manier gevoelig voor de tractie van de onderliggende spieren, waarbij de pezen uitbreidingen doorgeven aan de fascia. Deze hypothese wordt ondersteund door embryogenetische studies die hebben aangetoond dat het bindweefselkapsel van mechanoreceptoren is afgeleid van de omliggende verbindende bindweefsel; daarom is het zeer waarschijnlijk dat verbindingen tussen deze twee elementen aanhouden in het postnatale leven.</p><h4>De Myofasciale Insertie</h4><p>Onderzoekers hebben ontdekt dat veel spieren fasciale inserties hebben, maar hun rol is onbekend. Het bekendste voorbeeld hiervan is de lacertus fibrosus, een aponeurose die ontstaat in de biceps pees en vervolgens fuseert met de onderarm fascia. Maar in werkelijkheid heeft elke spier zijn eigen specifieke verband met de fascia. Meestal worden deze uitbreidingen beschouwd als anatomische variaties, maar ze zijn daadwerkelijk constant aanwezig. Stecco et al suggereert dat al deze fascia inserties een uitstekend voorbeeld zijn van hoe de dikte en sterkte van fascia een nauwkeurige spiegel is ten opzichte van de krachten die ontstaan door een contractie. Wanneer deze spieren samentrekken bewegen niet alleen de botten, maar dankzij deze fasciaal uitbreidingen rekken ze ook de diepe fascia. Bijvoorbeeld, de quadriceps hecht aan de tibia door middel van de patella pees maar projecteert ook een myofascial uitbreiding die naar anterior gaat naar de patella die bijdraagt aan het voorste knie retinaculum. In een soortgelijke wijze hecht de achillespees niet alleen aan de posteriore gedeelte van de calcaneus, maar heeft ook een fascial verband. Dit met de plantaire fascia over de achterkant van de hiel en de vezelige gedeelte van het hiel vetkussentje. Ook de pes anserinus en tractus iliotibialis bevatten een component binnenin de fascia. Sectie in de schouder regio op cadavers onthullen de voortdurende aanwezigheid van specifieke myofascial uitbreidingen afkomstig van de pectoralis major, latissimus dorsi en deltaspieren; allemaal samenvoegen de arm fascia.</p><p>Dus wanneer de spieren bewegen rekken zij gelijktijdig dezelfde fascia waarin de spier zich in bevindt. De onderzoekers suggereren dat de fascia functioneert als drijfriem tussen twee aangrenzende gewrichten en tussen synergetische spiergroepen, het creëren van een anatomische continuïteit tussen verschillende spieren bij eenzelfde richting beweging.</p><p>De fascia kan een stretch van de spier waarnemen vanwege de uitbreidingen, deze informeert de distale spieren over de stand en van de proximale spieren de samentrekking.</p><p>Dus de aponeurotische fasciae verbinden verschillende segmenten en gewrichten, de coördinatie van de synergetische activering van variabele schillende spieren en de juiste plaatsing van de verschillende betrokken gewrichten. Benninghoff beschreef dat bij hurken de hoeken van de heup, knieën en enkel hetzelfde zijn. Stecco et al suggereert dat deze synchroniciteit coördineert wordt door de aponeuroticsche fascia.</p><p>Na een trauma, chirurgie of een overbelastingsklacht kan het schuifsysteem binnen de aponeurotische fasciae veranderen. Ze speculeren dat de samentrekking van een spier ook invloed heeft op de toevoegingen van andere bijbehorende spieren. Dit versterkt de veronderstelling dat het bindweefsel rond de spieren een belangrijke bijdrage heeft op het fenomeen van MPS.</p><h4>De epimysiale fasciae</h4><p>Epimysium bestaat uit alle dunne collagene vezels die de gehele spier aan elkaar verbinden.</p><p>Via dit netwerk van vezels kunnen de krachten tussen synergistische spierbundels doorgegeven worden, die al wel of niet tot hetzelfde motorunit behoren.</p><p>De epimysium en perimysium komen overeen met deze definitie, net als de diepe fasciae van de pectoralis major, latissimus dorsi, deltoideus en de diepe fasciae van de meeste spieren van de romp. Deze worden beschouwd als de epimysiale fasciae. Bovendien is het collageen in lagen over elkaar aangebracht. In de spoelvormige (fusivorme) spieren hebben de collagene lagen een invalshoek van 55 ° ten opzichte van de spiervezels in rust.</p><p>Het is duidelijk dat de epimysiale fasciae dezelfde organisatie hebben (multi-gelaagd collagene vezels) als de aponeurostische fasciae. De richting van de collagene vezels verandert volgens de stand van de spier, hetgeen de mate bevestigt waarin de epimysiale fasciae worden gerelateerd aan de activiteiten van de spier zelf. Volgens Purslow, hebben zij een fundamentele rol in de transmissie van de in de spieren gegenereerde kracht in de richting van het bot. De epimysiale fasciae geven inserties aan aponeurose uitbreiding die tussen de spieren en de spiervezels binnenbuigt. De ruimte tussen de collagene vezels van de epimysiale fasciae is gevuld met de matrix, interfibrillaire substantie (ground substance), rijk aan proteoglycanen en in het bijzonder Hyaluronic Acid (HA). De verhoogde aanwezigheid van dergelijke macromoleculen in de interfibrillaire substantie laat de collagene vezels, als een prikkel optreedt, met een weinige wrijving toe te schuiven en verstrekt relatieve onafhankelijkheid van elke spier buik van omringende elementen.</p><p>Gao et al hebben aangetoond dat de epimysium van oude ratten is veel stijver dan die van jonge ratten. De toegenomen stijfheid kan niet worden toegeschreven aan veranderingen in de ultrastructuur, de dikte van de epimysium of de grootte van de collagene vezels. Microscopische analyse heeft geen wijzigingen in de opstelling en de grootte van de collagene fibrillen in de epimysium tussen oude en jonge ratten aangetoond. De leeftijdsgerelateerde verhoging van de stijfheid van de epimysium kan een belangrijke rol spelen bij de verminderde zijwaartse krachtoverbrenging in de spieren van de oude ratten en de wijziging van intramusculaire motorische coördinatie.</p><p>De epimysiale fasciae hebben vrije zenuwuiteinden. Deze vrije zenuwuiteinden zijn bijzonder talrijk in de buurt van de bloedvaten, maar ook rond de vezelige componenten.</p><p>Dankzij de sterke verbindingen tussen epimysiale fasciae en spieren,</p><p>is het begrijpelijk dat tijdens de contractie van een onderliggende spier, wordt een bepaald gedeelte van de overeenkomstige fascia gerekt. Als gevolg hiervan kunnen specifieke patronen van intrafascial receptoren geactiveerd worden die overeenkomen met de ROM, alsmede de specifieke bewegingsrichtingen. Daarom is het gemakkelijk voor te stellen dat de epimysiale fasciae een proprioceptieve rol hebben. Daarnaast maken de epimysiale fasciae een verbinding met een ander type receptor van de zenuwstelsel: de spierspoeltjes.</p><p>De capsule van de spierspoeltjes overeenkomt met de perimysium, of epimysium, of septae fascia. Strasmann et al hebben bij de m. supinator een groot aantal van de spierspoeltjes rechtstreeks in het bindweefsel van het septum gevonden. Uit verder onderzoek is gebleken dat de spierspoeltjes stevig op de fascia zijn verbinden. Spierspoeltjes zijn sensorische receptoren die in het spierbuik zijn gelegen en vooral veranderingen in de lengte van de spier registreren. De gevoelige vezels van de spierspoeltjes bij minimale rek worden geprikkeld; deze drempel correspondeert met een spanning van 3 gram. In werkelijkheid, de epimysiale fascia spelen een fundamentele rol. De spierspoeltjes kunnen verkort worden en reageren op de gamma stimulus, indien het perimysium elastisch en flexibel is. Bij dichtheid van de epimysiale fascia, kan het verkorten van de spierspoel geblokeerd worden en de co-activatie van de verbonden vezels met deze spierspoel kan voorkomen worden. Dat betekent dat bepaalde delen van een spier niet betrokken zijn bij de beweging. Hierdoor wordt door een wijziging in de richting van de kracht op een gewricht, een onevenwichtige beweging van het gewricht veroorzaakt, met als gevolg een ongecoördineerde beweging en pijn. De patiënt voelt pijn bij het gewricht, maar de oorzaak van het probleem is de bindweefsel van de spier die dat gewricht laat bewegen. De spierspoeltjes kunnen ook door een passieve rek geactiveerd worden (zie Kniepeesreflex) en daardoor wordt de contractie van de overeenkomstige spiervezels gestimuleerd. Als de epimysiale fascia te ver door een myofasciale expansie uitgerekt wordt, is mogelijk dat de spierspoeltjes chronisch worden opgerekt, en dus worden geactiveerd. Hierdoor worden de gecorreleerde spiervezels voortdurend gestimuleerd om te contracteren.</p><p>Dit kan de toegenomen acetylcholine bij myofasciale pijn met name rond de triggerpoints verklaren. Daarnaast is dit onevenwichtige gebruik van de spieren, een onjuiste en onevenwichtige beweging van het gewricht veroorzaakt. Bijvoorbeeld, disfunctie van nekflexoren is gekoppeld aan de nekpijn bij whiplash (WAD). Met de rekening op de belangrijke rol van de diepe cervicale flexoren (longus colli en capitis) ter ondersteuning van de fysiologische cervicale lordose, beschreven Jull et al de aanwezigheid van gewijzigde patronen van de coördinatie tussen de diepe en oppervlakkige cervicale flexoren (sternocleidomastoideus). Zij rapporteren een verhoogde elektromyografische activiteit van de oppervlakkige nekflexoren als compensatie voor de verminderde diepe nekflexoren bij patiënten met whiplash. Dit is in overeenstemming met eerdere studies die een vermindering van de nekpijn hebben aangetoond bij de duurtraining van cervicale nekflexoren.<br />Elliott et al benadrukten de rol van de nekflexoren in WAD en beschreven de aanwezigheid van vettige infiltratie in spieren en veranderingen in de doorsnede in de cervicale anterior spieren tijdens de chronische fase van de ziekte. De meest ingrijpende veranderingen waren aanwezig in de diepere spieren (longus capitis en colli) en met name aan de C2-C3 niveau in vergelijking met de meer oppervlakkige sternocleidomastoideus. Veranderingen in bindweefsel na traumatische letsels zijn ook voorgesteld als bron van potentiële motorische stoornissen. Maar tot nu toe heeft geen studie de rol van de fascia in de behandeling als een werkwijze voor het verbeteren van nekmobiliteit bij patiënten met WAD onderzocht.</p><h4>Fysiologie van de fascia</h4><p><em>De innervaties</em></p><p>De visco-elasticiteit van de fascia kan de activatie van het zenuwstelsel receptoren in fascia wijzigen. Visco-elasticiteit van de fascia weefsel en de bijbehorende HA vormen de dynamische respons van de mechanoreceptoren. De normale smeerfunctie van HA zal met verhoogde viscositeit afnemen. Ook kan er sprake zijn van de veranderingen in de hoeveelheid of de grootte van de HA. Binnen bepaalde grenzen kan de fascia dergelijke wijzigingen mogelijk aanpassen. Deze mechanismen maken een soort “gate control “in de activering van intrafasciale receptoren. Naast deze niveaus worden vrije zenuwuiteinden hyper-geactiveerd en versturen het “pijn” bericht. Deising et al injecteerden NGF (nerve grow factor) in de fascia van de musculus erector spinae op het lumbaal niveau. Zij constateerden een langdurige sensibilisatie voor mechanische druk en chemische stimulatie bij het gebruik van een zure oplossing. Sensibilisatie is beperkt tot het diepere weefsels, maar niet op het huid. Dat suggereert dat de sensibilisatie van de nociceptoren van de fascia voor mechanische en chemische stimuli kunnen bijdragen aan de pathofysiologie van de chronische musculoskeletale pijn. Dezelfde auteurs hebben aangetoond dat de gesensibiliseerde vrije zenuwuiteinden binnen spierfascie worden effectiever gestimuleerd wanneer de fascia is “pre-opgerekt” door spiercontractie. Veranderingen in de innervaties kan pathologisch in fascia optreden. Sanchis-Alfonso en Rosello-Sastre raporteerde de ingroei van nociceptieve vezels, immunoreactief aan substance P, in de laterale knie retinaculum patiënten met patello-femorale malignment problemen. Bovendien Bednar et al vindt een verandering in zowel de histologische structuur (Ontsteking en micro-calcificaties) en de mate van innervatie van de thoracolumbale fascia bij patiënten met chronische lombalgia, wat wijst op een mogelijke rol van fascia in lumbale pijn.</p><h4>De rol van hyaluronzuur (HA)</h4><p>HA is een grote, eenvoudige koolhydraat, hydraterende en ruimtevullend polymeer die bestaat uit afwisselende eenheden van glucuronzuur en N-acetylglucosamine die verbonden door bèta verbindingen met de totale afwezigheid van elke secundaire modificaties.</p><p>HA weerspiegelt een normaal, intact, gezond weefsel en doet dat door het ondersteunen van de normale homeostase, het onderdrukken celproliferatie, migratie, angiogenese, ontsteking en immunogeniciteit. HA is overal in de ECM (Extra Cellular Matrix) aanwezig, vooral bij het losse bindweefsel rond spierbundels. HA is ook aanwezig in de omringende endomysium rondom de individuele spiervezels en in perivasculaire en perineurale bindweefsel. Wij hebben bevestigd dat HA zich in aanzienlijke hoeveelheden op het raakvlak tussen diepe fascia en het oppervlak van de spier gevestigd. De HA biedt een smerende oppervlak, zodat de fascia over de spier epimysium en de pezen soepel glijdt. De laag-HA uitscheidende cellen worden geïdentificeerd op de binnenlaag van diepe fascia. Dit is blijkbaar de bron van de smeermiddel HA. Deze fibroblast-achtige cellen kunnen van monocyt/macrofaag oorsprong zijn netals in het oog. In de gewrichten produceren de synoviocyten de HA van de synoviale gewrichtsvloeistof. In het oog, heten ze hyalocytes, verantwoordelijk voor de HA van de glasachtig vocht. We hebben deze cellen “fasciacytes” genoemd. De oorsprong van deze cellen moet nog vastgesteld worden.Door zijn aanzienlijke lading bij neutrale pH, HA wordt omgegeven door een enorme volume van het water dat de druk kan uitoefenen op verschillende aangrenzende structuren.</p><h4>Pathologie van de fascia</h4><p><em>Verandering van hyaluronzuur<br /></em><br />Korte hyaluronzuur ketens hebben het vermogen om zichzelf te associëren, vooral onder fysiologische omstandigheden. Deze zelf-associatie produceert verschillende intermoleculaire samengevoegde structuren. Dit proces vergemakkelijkt de oppervlakte verspreiding in de fascia schede en de spierbundels. Door toename van concentratie en/of grootte, verstrengelen hyaluronzuurketens in complexe reeksen, verlenen ze kenmerkende hydrodynamische eigenschappen en veranderen ze visco-elastische eigenschappen die voorspeld zijn bij te dragen aan de etiologie van MP en MPS.Wanneer het hyaluronzuur klevend wordt in plaats van smeerbaar, verandert de distributie van krachtlijnen binnen de fascia. Door veranderingen in viscositeit kunnen de receptoren binnen de fascia een pijn bericht verzenden vanuit een zekere mate van rek, zelfs binnen de fysiologische range.</p><p>Een belangrijk onderdeel van pijntherapie is het omkeren van deze ontwikkelingen in hyaluronzuur. Dit omvat een omkering van de samengevoegde hyaluronzuur-fragmenten met gebruik van verhoogde temperatuur en plaatselijke alkalisering. Dit wordt bereikt door massage, manipulatie of fysieke therapieën die de onderhuidse temperatuur doet toenemen, wat leidt tot uitsplitsing van de pathologische keten-keten interacties. Een fysiologische en biochemische validiteit is er voor massage en andere vormen van lichaamswerk die vaak verlichting geven voor MPS.</p><h4>Chemische veranderingen</h4><p>Het losse bindweefsel in en om de fasciae is een belangrijke reservoir voor water en zouten voor omliggende weefsels. Dit verschaft een reservoir voor een ophoping van verschillende afbraakproducten. De eventuele variaties in watergehalte , ionen of andere substanties kunnen de biomechanische eigenschappen van het losse bindweefsel veranderen. Dit zorgt voor verschillen in de schuifbeweging van verschillende fasciale lagen en zorgt dus voor andere potentiële oorzaken voor myofasciale pathologieën. Er moet in het bijzonder aandacht worden besteed aan de interactie tussen hyaluronzuur, melkzuur en veranderingen van pH in fasciale weefsels. Verschillende auteurs beschrijven dat pH in spieren kan oplopen tot 6.6 pH, wat zich uit in vermoeidheid. Deze waarde is zelfs lager dan de gemiddelde waarde in de bloedbaan, die is 7.4-7.2. Bij een pH van 6.6 kan de viscositeit van hyaluronzuur in het endomysium en perimysium aanzienlijk toenemen. Dit is aangetoond in een onderzoek van Gatej et al. Hij rapporteert dat de toename van viscositeit de lokale stijfheid kan verklaren bij atleten na langdurige, intensieve activiteiten. Er wordt verondersteld dat melkzuur niet de enige factor is die zulke stijfheid veroorzaakt, maar ook de stof is die reactie katalyseert. De fascia speelt een fundamentele rol met zijn 2 componenten: dicht bindweefsel (collagene vezels type 1 en 3) en het losse bindweefsel (vet, glycosaminoglycanen en hyaluronzuur). De verandering in pH stimuleert de reactie die de hyaluronzuur viscositeit doet toenemen. Het dichte bindweefsel verspreidt de stijfheid door de omliggende gebieden, zelfs verder dan de sensitisatie van spierstijfheid. De stijfheid kan spoedig daarna worden omgekeerd, dankzij de afbraak van melkzuur in de spieren. Om deze reden verdwijnt stijfheid bij atleten vrij snel met rust, met volledige terugkeer van range of motion en stopzetting van symptomen. Veronderstellend dat in dezelfde mechanisme veranderingen ten grondslag liggen die geen volledig herstel of verlichting van symptomen toestaan. Er wordt gespeculeerd dat er gebieden zijn die niet herstellen naar normale viscositeit, dus het hoge viscositeit profiel wordt gehandhaafd. Uit klinisch oogpunt kunnen deze gebieden gedefinieerd worden als gebieden met verdichting en vorming van potentiële MPS triggerpoints.</p><h4>Behandeling</h4><p><em>Lokale temperatuurstijging.</em></p><p>Manipulatie en massage van spieren en hun bijbehorende fascia verhoogt lokale temperatuur. De 3-dimensionale structuur van A-ketens door inter- en intra-moleculaire waterbruggen (van der Waals krachten en hydrofobe) breken geleidelijk af bij een verhoging van een temperatuur boven de 40°C. Er is een verandering van viscositeit van hyaluronzuur oplossingen bij precies deze temperatuur. Deze daling van viscositeit kan het normale glijden herstellen en normaliseert de activering van de mechano-receptoren in dat gebied. Het is aannemelijk dat de hoeveelheid hyaluronzuur in dat gebied niet zal veranderen door verhoging van de temperatuur, maar het associatieve gedrag en drie dimensionale structuur. Daarom wordt verondersteld dat de totale eigenschappen van hyaluronzuur met rust spoedig daarna worden geregenereerd. Deze hypothese legt de korte termijn gevolgen uit van de verschillende lichaamswerk therapieën die temperatuur verhogen.</p><h4>Zelf-oplossende ontstekingsreacties cascades</h4><p>Paul et al heeft bepaald dat, onder stress omstandigheden, hyaluronzuur wordt gepolymeriseerd en lagere moleculaire massa polymeren worden gegenereerd. Deze hyaluronzuur fragmentatie reacties resulteren in kleinere polymeren, die zeer angiogenetisch, inflammatoir en immunogeen zijn. Hyaluronzuur fragmenten bevorderen inflammatie, angiogenese en immuun reacties door endothele celdeling en migratie, stimulerende productie van inflammatoire cytokinen, en door bevordering van macrofaag chemotaxis. Wij veronderstellen dat manuele manipulatie van de onderhuid , met diepe compressie en frictie, een mogelijkheid bied om deze reactie te katalyseren. Stern et al heeft gedemonstreerd dat zodra fragmenten van 1000 Da ontwikkelen, in het bijzonder inflammatoire reacties zijn gekatalyseerd. Echter, de kleine hyaluronzuur fragmenten, 4 DA in omvang, hebben geen inflammatoir effect, maar doen het tegenovergestelde. Zij verminderen het effect van de andere grote hyaluronzuur fragmenten, door het stoppen van de volledige reactie. Dit levert een sussende feedback reactie op. Wij veronderstellen dat er een samenhang is tussen deze reactie en de pijnlijkheid bij patiënten in de dagen na manipulatie behandeling. Elke clinicus heeft verbetering van kwaliteit van leven geconstateerd gedurende deze korte periode van een ontstekingsreactie. We beschouwen deze zelf-oplossende ontstekingsreactie als het daadwerkelijke mechanisme dat de juiste kwantiteit en kwaliteit van substanties in het kritische gebied herstelt (Triggerpoints, gebied met hoge viscositeit) waar de clinici hebben gewerkt. Met andere woorden, de echte werkzaamheid van manipulatie van diep weefsel is een katalysator voor het oplossen van het inflammatoire effect.</p><h4>Beeldvorming van de fasciale componenten</h4><p><em>Diagnose van myofasciaal pijn syndroom</em></p><p>Lichamelijk onderzoek van een patiënt met MPS geeft weinig inzicht en is vaak onbetrouwbaar. Verschillende beeldvormende procedures leveren geen bijdrage en komen niet overeen met de locatie van de pijn. Hoewel MPS een vaak een reden is dat patiënten een arts raadplegen, heeft deze echter vaak weinig te bieden. Het is overduidelijke dat de pathofysiologische mechanismen die ten grondslag liggen bij MPS begrepen moeten worden, zodat rationele behandelingen kunnen worden aangeboden.</p><p>Onderzoekers hebben met een verscheidenheid aan instrumenten geprobeerd om myofasciale pijn te beoordelen en te meten op een objectieve manier. Hiervoor werden elektrodermale instrumenten gebruikt, sonografie, echografie en MRI scans. Echter geven deze vaak wisselende resultaten en zijn geen van deze geheel bevredigd geweest. Onderzoek van de fascia kan echter aanwijzingen geven betreft de etiologie van MPS.</p><p>Jensen en Harms-Ringdahl hebben de klinische realiteit aangepakt dat patiënten met nekpijn meerdere gelijktijdige bronnen van pijn kunnen hebben; van gewrichten, spieren en ligamenten. Vaak is de specifieke oorzaak van nekpijn niet herkenbaar. Om deze reden worden vaak a-specifieke nekklachten en myofasciale pijn vaak gebruikt. Maar deze diagnoses zijn gedaan door uitsluiting en zijn gebaseerd op enkel de klinische aspecten van het probleem. Er zijn maar weinig studies die een objectieve en klinisch toepasbare methode beschrijven voor het identificeren en classificeren van myofasciale pijn.</p><p>Schultz heeft de meest pijnlijke regio’s vastgesteld door gebruik te maken van elektrodermale instrumenten. Arokoski heeft toenemende oppervlakkige weke delen stijfheid aangetoond. Sonografie is een gemakkelijke, draagbare en goedkope manier van beeldvorming, bruikbaar voor aanvulling van lichamelijk onderzoek en om uitkomsten van behandeling te evalueren. Verschillende onderzoekers en clinici hebben sonografie of MRI-scans gebuikt om de dikte van de fascia in verschillende gebieden van het lichaam tussen gezonde en mensen met symptomen te vergelijken. In vivo studies is gebleken dat echografie een valide meetinstrument is voor het meten van langs- en dwarsverplaatsing van zenuwweefsel. Het wordt steeds gebruikelijker om dynamische echografische methoden te gebruiken om het glijden tussen verschillende weefsel in te schatten. Deze manier van evalueren geeft een verzameling van gegevens met betrekking tot de beweging van een structuur ten opzichte van een andere structuur. Software kan gebruikt worden om het glijden van zenuwen ten opzichte van spieren of epineurium te evalueren. De mogelijkheid van zenuw glijden in het epineurium is fundamenteel tot verminderde intrafasculair glijden. Een verandering van de viscositeit, fibrose of verklevingen kunnen interne stretch laesies veroorzaken.</p><p><strong>Alle auteurs zijn ervan overtuigd dat de dikte van de fascia een vastgestelde criteria is voor de diagnose MPS.</strong></p><p>De variatie in dikte van de fascia heeft samenhang met de toename van kwantiteit in losse bindweefsel (zwarte lagen) en niet met het dichte bindweefsel (witte lagen). Om deze reden wordt voorgesteld dat de term ‘fibrose’ die nauw samenwerkt met de productie van DCT van fibroblasten niet wordt gebruikt.</p><h4>Fibrose vs verdichting</h4><p>De echte pathologie van disfunctie van de fascia blijft moeilijk te onderscheiden uit anatomisch oogpunt. Aan de andere kant, beeldvorming en secties hebben bijgedragen om de verschillen tussen eenvoudige veranderingen van de functie of morfologische veranderingen van weefsels te verduidelijken. Het laatste hangt samen met microscopische herschikking van de samenstelling en conformatie van het hele weefsel van de fascia. Dit hangt daarnaast ook samen met een verandering in dicht bindweefsel (type 1 en 3) dat gemakkelijk is te herkennen door gebruik van gewone beeldvorming procedures als MRI, CAT scans en echografie. Er wordt voorgesteld dat de definitie van fibrose wordt gedefinieerd als fibrotisch weefsel wanneer het dichte bindweefsel component is veranderd. Dit kan worden herkent met een verhoging in kwantiteit, meestal door een hyper intens signaal. Aan de andere kant, disfunctie van de fascia hangt samen met alleen een verandering in het losse bindweefsel (vetcellen, glycosaminoglycanen en hyaluronzuur). Deze verandering kan betrekking hebben op 1 of alle 3 de componenten. Zoals is uitgelegd in de vorige paragraaf, een verandering van de kwaliteit of kwantiteit van het losse bindweefsel verandert de viscositeit en daarbij de functie van het smeermiddel dat het losse bindweefsel faciliteert. De klinische situatie creëert geen microscopische verandering van de morfologie van fasciaweefsel die kan worden begrepen tijdens sectie op biopsie. Om deze reden is het nog steeds moeilijk voor clinici om de diagnose MPS te stellen. Wij suggereren dat dit syndroom kan worden gedefinieerd als ‘’verdichting van de fascia’’. Dit is verschillend van de functionele veranderingen waargenomen door morfologische veranderingen als fibrose. Deze distinctie blijkt ook overduidelijk voor clinici. Een groter en verschillend aantal behandelingen zijn beschikbaar voor fibrose in vergelijking tot simpele verdichting. Dit is te wijten aan het feit dat het moeilijk is dicht bindweefsel te veranderen in vergelijking met los bindweefsel.</p><p>Simons DG, Travel JG, Simons LS. Myofascial pain and dysfunction: the trigger point manual. Philadelphia: Lippincott, Williams and Wilkins; 1999.</p><p>Beninghoff G. Trattato di anatomia umana. Padova: Piccin; 1972.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div>
		]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Novel applications of ultrasound technology to characterize myofascial trigger points</title>
		<link>https://spierinzicht.com/novel-applications-of-ultrasound-technology-to-characterize-myofascial-trigger-points/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[spierinz]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 16 May 2021 15:47:47 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wetenschap]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://spierinzicht.com/?p=2371</guid>

					<description><![CDATA[Een beschrijvende studie over het toepassen van beeldvormingstechnieken middels ultrageluid voor het optimaal beschrijven van kenmerken van MTrP’s en aangrenzend zacht weefsel.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[		<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="2371" class="elementor elementor-2371" data-elementor-post-type="post">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-f1e64e2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="f1e64e2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-87725ad" data-id="87725ad" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-99fc06a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="99fc06a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>Novel applications of ultrasound technology to visualize and characterize myofascial trigger points and surrounding soft tissue<br /><br />Auteurs: S. Sikdar, J. Shah, T. Gebreab, RH. Yen, E. Gilliams, J. Danoff en L. Gerber</p><p>Samenvatting: Marc Eeltink, Luc van der Heijden en Christiaan Bijl</p><p>Het artikel gaat over nieuwe toepassingen van Ultrasound technologie om Myofasciale triggerpoints en omringend zacht weefsel te visualiseren en te karakteriseren.</p><h4>Abstract</h4><p>Een beschrijvende studie over het toepassen van beeldvormingstechnieken middels ultrageluid voor het optimaal beschrijven van kenmerken van MTrP’s en aangrenzend zacht weefsel.</p><p>Methode: Voor dit onderzoek zijn N= 9 participanten ingesloten die voldeden aan de inclusiecriteria: aanwezigheid van een A-MTrP in één of beide m. trapezius descendens.</p><p>Resultaat: Bij dit onderzoek zijn MTrP’s beoordeeld aan de hand van de TIS en de BFS. Uit het onderzoek kwam naar voren dat de A-MTrP’s TIS-waarde en BFS-waarde hadden. Dit is geconstateerd door middel van ultrageluid en vibraties.</p><p>Discussie: De gebieden die geconstateerd werden in dit onderzoek, zijn niet gecontroleerd door manuele verrichtingen. Hierdoor kon er geen uitspraak gedaan worden over de ‘’Taut Band’’. Verder betreft het een kleine populatiegroep (n=9), waarvan 2 mannen en 7 vrouwen. Als laatste is het een dure methode en vergt het enige training van de therapeut.</p><p>Conclusie: Ultrageluid, in combinatie met vibraties, maakt het mogelijk om MTrP’s zichtbaar te maken bij patiënten met acute cervicale pijn (minder dan 3 maanden) en problematiek aan de m. trapezius pars descendens. Het is in staat om sommige MTrP’s en zacht weefsel te karakteriseren.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
				<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3130442" data-id="3130442" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-b3669b9 elementor-toc--minimized-on-mobile elementor-widget elementor-widget-table-of-contents" data-id="b3669b9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-settings="{&quot;headings_by_tags&quot;:[&quot;h4&quot;],&quot;exclude_headings_by_selector&quot;:[],&quot;minimized_on&quot;:&quot;mobile&quot;,&quot;marker_view&quot;:&quot;numbers&quot;,&quot;no_headings_message&quot;:&quot;Er zijn geen kopteksten gevonden op deze pagina.&quot;,&quot;minimize_box&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;hierarchical_view&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;min_height&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_tablet&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_mobile&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]}}" data-widget_type="table-of-contents.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="elementor-toc__header">
						<h4 class="elementor-toc__header-title">
				Pagina inhoud			</h4>
										<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--expand" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Open inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-down"></i></div>
				<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--collapse" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Sluit inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-up"></i></div>
					</div>
				<div id="elementor-toc__b3669b9" class="elementor-toc__body">
			<div class="elementor-toc__spinner-container">
				<i class="elementor-toc__spinner eicon-animation-spin eicon-loading" aria-hidden="true"></i>			</div>
		</div>
						</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-e7f97b3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="e7f97b3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p><a href="https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/19887205/" target="_blank" rel="noopener">Dit artikel in PubMed lezen</a></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-1a877b2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="1a877b2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-4a6587a" data-id="4a6587a" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a374ff9 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="a374ff9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<h4>Methode</h4><p>Voor de term diepe fascia worden dichte vezelachtige omhulsels bedoelt en omringt de spieren, botten, zenuwen, en bloedvaten van het lichaam. Al deze structuren zijn samengebonden in een stevige compacte massa. Bij botten wordt het periost genoemd, rond pezen vormt de perimysium, rond vaten en zenuwen vormt zich de neurovasculaire huls. Rond gewrichten wordt het versterkt door het kapsel en de ligamenten. Dus er wordt rekening gehouden met de perimysium, de neurovasculaire schede, en het periost als specialisatie van de diepe fascia. Niet alleen omdat ze in de verband staan met elkaar maar ook omdat ze dezelfde histologische kenmerken hebben. Er worden twee soorten gespierde fasciae onderscheden volgens de dikte en hun relaties met de onderliggende spieren: de aponeurotische fascia en de epimysium fascia.<br />Bij elke patiënt (N=9) werden vier plaatsen gemarkeerd, op basis van het lichamelijk onderzoek, als actieve MTrP (spontaan pijnlijk, A-MTrP), latent MTrP (niet-pijnlijk, L-MTrP) of normaal myofasciaal weefsel. Het onderzoek werd uitgevoerd door een geblindeerd team. Een transducer werd gebruikt om de input energie om te zetten in output energie. Ook werd een kleurenvloeistof gehanteerd in combinatie met een ultrasound vibratie (VSE) waarbij met constante trillingen verschillende beelden verschenen. Daarnaast werd ook de lokale bloedstroom onderzocht middels de Doppler techniek.</p><p>Belangrijkste uitkomstmaten: MTrP’s werden geëvalueerd door: fysiek onderzoek, algometrische druk en drie soorten echografie waaronder grijswaarden.</p><p>Elke gemarkeerde plaats werd op beeld beoordeeld met een Tissue Imaging Score (TIS):</p><p>0 = stijfheid, uniforme echogeniciteit</p><p>1 = stijve knobbel/knoop, focale hypoechogeen</p><p>2 = meerdere hypochogenen regio’s met stijve knobbels/knopen.</p><p>Uitleg: Echogeniciteit: het vermogen van weefsel om (echo) ultrasound golven te weerspiegelen. Wanneer men de echogeniciteit van twee verschillende structuren met elkaar vergelijkt, dan is de donkerste structuur hypoechogeen en de helderste structuur hyperechogeen.</p><p>De bloedstroom werd beoordeeld met de Blood Flow Waveform Score (BFS):</p><p>0 = normaal arteriële stroom in de spier</p><p>1 = verhoogde diastolische stroom</p><p>2 = sterk verhoogde weerstand met een afgenomen diastolische stroom.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-9e95b15 elementor-widget elementor-widget-image" data-id="9e95b15" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="image.default">
				<div class="elementor-widget-container">
												<figure class="wp-caption">
											<a href="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/vibration-imaging.png" data-elementor-open-lightbox="yes" data-elementor-lightbox-title="vibration-imaging" data-e-action-hash="#elementor-action%3Aaction%3Dlightbox%26settings%3DeyJpZCI6MjM4OSwidXJsIjoiaHR0cHM6XC9cL3NwaWVyaW56aWNodC5jb21cL3dwLWNvbnRlbnRcL3VwbG9hZHNcLzIwMjFcLzA1XC92aWJyYXRpb24taW1hZ2luZy5wbmcifQ%3D%3D">
							<img fetchpriority="high" decoding="async" width="768" height="426" src="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/vibration-imaging-768x426.png" class="attachment-medium_large size-medium_large wp-image-2389" alt="" srcset="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/vibration-imaging-768x426.png 768w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/vibration-imaging-300x166.png 300w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/vibration-imaging.png 978w" sizes="(max-width: 768px) 100vw, 768px" />								</a>
											<figcaption class="widget-image-caption wp-caption-text">Uitvoering van het onderzoek middels een Ultrageluid Echoapparaat en een handheld vibratie bron (VSE).</figcaption>
										</figure>
									</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-3a420f5 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="3a420f5" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-c83f7d7" data-id="c83f7d7" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a206dca elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="a206dca" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<h4>Resultaten</h4><p>MTrP’s werden op de echobeelden weergeven als middelpunt. De middelste regio’s hadden een kleinere amplitude (minder weerspiegeling dus minder trillingen) wat wijst op een gelokaliseerde verstijfde knobbel/knoop. Echogeniciteits veranderingen in het weefsel waren zichtbaar aanwezig. Op verscheidenen beelden waren de MTrP’s elliptisch van vorm. Echter zijn er geen significante verschillen gevonden in grootte tussen A-MTrP’s en L- MTrP’s. Plaatsen met A-MTrP’s hebben waarschijnlijk een hogere TIS score in vergelijking met normaal myofsciaal weefsel.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-f3a571b elementor-widget elementor-widget-image" data-id="f3a571b" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="image.default">
				<div class="elementor-widget-container">
												<figure class="wp-caption">
											<a href="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/ultrasound-imaging.png" data-elementor-open-lightbox="yes" data-elementor-lightbox-title="ultrasound-imaging" data-e-action-hash="#elementor-action%3Aaction%3Dlightbox%26settings%3DeyJpZCI6MjM5OSwidXJsIjoiaHR0cHM6XC9cL3NwaWVyaW56aWNodC5jb21cL3dwLWNvbnRlbnRcL3VwbG9hZHNcLzIwMjFcLzA1XC91bHRyYXNvdW5kLWltYWdpbmcucG5nIn0%3D">
							<img decoding="async" width="768" height="381" src="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/ultrasound-imaging-768x381.png" class="attachment-medium_large size-medium_large wp-image-2399" alt="" srcset="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/ultrasound-imaging-768x381.png 768w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/ultrasound-imaging-300x149.png 300w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/ultrasound-imaging.png 921w" sizes="(max-width: 768px) 100vw, 768px" />								</a>
											<figcaption class="widget-image-caption wp-caption-text">Toelichting: A-MTrP’s hadden een hogere TIS en BFS score in vergelijking met de L-MTrP’s of normaal.</figcaption>
										</figure>
									</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-043c074 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="043c074" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<h4>Discussie</h4>
<p>Sommige hypoechogene gebieden werden ook waargenomen wanneer de knobbeltjes niet voelbaar waren. In deze studie hebben ze de ultrasone kenmerken van de ‘taut bands’ niet onderzocht.<br>Actieve en Latente MTrPs blijken verschillend te zijn en onderscheidende lokale bloedstroom patronen te hebben.<br>Ultrasound biedt nieuwe en interessante mogelijkheden voor het identificeren van fysieke kenmerken van MTrPs op mensen op een niet-invasieve en goedkoop manier.</p>
<p>Een ander voordeel van US beeldvorming is de mogelijkheid om de vasculatuur en bloed stromingseigenschappen in en rond MTrPs te onderzoeken.<br>De resultaten van deze bloedstroom onderzoek associëren bloedstroom stoornissen met de pathofysiologie van MTrPs. De ultrasone technieken in dit onderzoek kunnen dus worden gebruikt om anatomische en fysiologische abnormaliteiten geassocieerd met MTrPs te identificeren.</p>
<h4>Conclusie</h4>
<p>Voorlopige bevindingen tonen aan dat onder de omstandigheden van dit onderzoek echografie dus grijswaarden of kleurvarierende beeldvorming op relatieve stijfheid werden gebruikt om voelbare knobbels in zacht weefsel (actief of latent) van normaal weefsel te differentieren. Daarnaast werd myofasciale weefsel en lokale bloedstroom karakteristieken onderzocht om onderscheid te maken tussen Actieve en Lantente MTrPs. De voorlopige bevindingen van deze studie tonen aan dat echografie een handige toegankelijke en laag risicovolle techniek is en dit een bruikbare methode kan zijn voor het differentiëren van MTrPs in het omliggend weefsel. Ultrasound maakt dus visualisatie en sommige karakterisering van MTrPs en aangrenzende zachte weefsel mogelijk.</p>
<p>Inleiding: Het myofasciaal pijnsyndroom wordt gekenmerkt vanuit MTrP’s. MTrP’s zijn onder te verdelen in actieve en latente myofasciale triggerpoints. Actieve triggerpoints zijn vaak spontaan pijnlijk, latente triggerpoints zijn vaak pas pijnlijk bij druk. (nog iets uitgebreider)</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div>
		]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Effectiveness of dry needling for the treatment of temporomandibular myofascial pain</title>
		<link>https://spierinzicht.com/effectiveness-dry-needling-treatment-temporomandibular-myofascial-pain/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[spierinz]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 16 May 2021 14:49:47 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wetenschap]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://spierinzicht.com/?p=2494</guid>

					<description><![CDATA[Uit dit onderzoek kan voorzichtig geconcludeerd worden dat dry needling behandeling effectief is voor het bestrijden van pijn bij mensen met pijnklachten in het TM-gewricht.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[		<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="2494" class="elementor elementor-2494" data-elementor-post-type="post">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-f1e64e2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="f1e64e2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-87725ad" data-id="87725ad" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-99fc06a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="99fc06a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>A double-blind, randomized, placebo controlled study.</p><p>Auteurs: Diraçoğlu D, Vural M, Karan A, Aksoy C</p><p>Samenvatting en vertaling: Evelien Kluft en Trineke de Jong</p><h4>Conclusie</h4><p>Uit dit onderzoek kan voorzichtig geconcludeerd worden dat dry needling behandeling effectief is voor het bestrijden van pijn bij mensen met pijnklachten in het TM-gewricht. De behandelaar moet ervaren zijn in het toepassen van de dry needling behandeling en in het diagnosticeren, lokaliseren en behandelen van myofasciale triggerpoints. Als aan die voorwaarden is voldaan, is het een relatief goedkope (ongeveer €0,09 per stuk) en in kort tijd uit te voeren techniek. Meer onderzoek op grotere groepen deelnemers en met langere follow-up is nodig om de resultaten gevonden in dit onderzoek te bevestigen.</p><h4>Inleiding</h4><p>Pijn in de temporomadibulaire regio (TMJ) komt relatief vaak voor: bij ongeveer 10% van de volwassenen. De pijn veroorzaakt door myofasciale pijn wordt ook wel ‘myofasciaal pijn dysfucntie syndroom (MPDS) genoemd. Bij MPDS is palpatie van de spieren en triggerpoints (MTrP’s) gevoelig. De ‘taut band’ is waarneembaar en de twitch kan opgewekt worden door stimuleren van een MTrP. Ook uitstralende pijn kan voorkomen.</p><p>Bij pijn in de temporomadibulaire regio (TMJ) zijn voornamelijk de m. masseter en de m. temporalis aangedaan. De eerste zorgt vaak voor pijn in de kaak en de tweede vaak voor hoofdpijn (Laskin, 2001).</p><p>Het doel van het onderzoek is om de effecten van dry needling te vergelijken met de effecten van een placebo (sham dry needling) voor vermindering van myofasciale pijn in de temporomandibulaire spieren.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
				<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3130442" data-id="3130442" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-b3669b9 elementor-toc--minimized-on-mobile elementor-widget elementor-widget-table-of-contents" data-id="b3669b9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-settings="{&quot;headings_by_tags&quot;:[&quot;h4&quot;],&quot;exclude_headings_by_selector&quot;:[],&quot;minimized_on&quot;:&quot;mobile&quot;,&quot;marker_view&quot;:&quot;numbers&quot;,&quot;no_headings_message&quot;:&quot;Er zijn geen kopteksten gevonden op deze pagina.&quot;,&quot;minimize_box&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;hierarchical_view&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;min_height&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_tablet&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_mobile&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]}}" data-widget_type="table-of-contents.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="elementor-toc__header">
						<h4 class="elementor-toc__header-title">
				Pagina inhoud			</h4>
										<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--expand" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Open inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-down"></i></div>
				<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--collapse" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Sluit inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-up"></i></div>
					</div>
				<div id="elementor-toc__b3669b9" class="elementor-toc__body">
			<div class="elementor-toc__spinner-container">
				<i class="elementor-toc__spinner eicon-animation-spin eicon-loading" aria-hidden="true"></i>			</div>
		</div>
						</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-e7f97b3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="e7f97b3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p><a href="https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/23220812/" target="_blank" rel="noopener">Dit artikel in PubMed lezen</a></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-1a877b2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="1a877b2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-4a6587a" data-id="4a6587a" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a374ff9 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="a374ff9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<h4>PICO-vraagstelling (afgeleid uit het artikel)</h4><p>P: mensen met pijn in de temporomadibulaire regio</p><p>I: Dry needling therapie met intramusculaire stimulatie</p><p>C: placebo: sham dry needling</p><p>O: minder myofasciale pijn in de temporomandibulaire spieren</p><h4>Methode</h4><p><em>Deelnemers:</em> 52 (45 vrouwen en 7 mannen) patiënten van een Universitair Ziekenhuis op de multidisciplinaire afdeling Temporomandibulaire Gewrichten. Ze waren tussen 18 en 57 jaar oud.</p><p><em>Inclusiecriteria:</em></p><ul><li>symptomen die sinds minstens zes weken bestaan en;</li><li>de aanwezigheid van twee of meer MTrP’s in het aangewezen gebied</li></ul><p>De diagnose van MTrP’s wordt duidelijk beschreven in het artikel en het protocol wordt consequent toegepast.</p><p><em>Validiteit:</em> de metingen werden uitgevoerd met valide meetinstrumenten. De druk-algometer zelf is valide en bij gebruik door een ervaren testafnemer is de betrouwbaarheid hoog (Kinser et al, 2009). De VAS is een valide meetinstrument om pijn op een bepaald moment in de tijd te meten. Over de klinische betekenis van een verandering van de score over een tijdsperiode bestaat geen consensus (Kersten et al, 2014). Een liniaal is een valide meetinstrument, maar over het protocol van het meten van pijnvrije maximale kaak-opening heb ik niets kunnen vinden op Pubmed. De gegevens werden geanalyseerd met SPSS software programma.</p><p><em>Onderzoeksopzet:</em></p><p>De deelnemers werden willekeurig ingedeeld in één van beide groepen door middel van een speciaal softwareprogramma. De interventiegroep bestond uit 26 personen en de placebogroep ook uit 26 personen. Uiteindelijk werden de gegevens van 50 personen geanalyseerd. In elke groep is één persoon afgevallen.</p><p>Onderzoekers die de meetinstrumenten afnamen en patiënten waren geblindeerd voor de toewijzing aan de interventie- danwel controle-groep. Deelnemers werden gemeten direct voorafgaand aan het onderzoek (t1) en één week na de laatste behandeling (t2). De therapie werd drie keer gegeven ieder met een tussenperiode van zeven dagen (dus gedurende drie weken).</p><p>De therapie werd in beide groepen gegeven door steeds dezelfde arts, met dezelfde ‘single-use’ naalden, voor een vaste tijdsperiode.</p><p>De interventiegroep kreeg een intramusculaire dry needling behandeling op TP’s waarvan de patiënten aangaven dat ze daar pijn hadden. Standaard acupunctuurnaalden met een tube werden gebruikt en de TP’s werden 3-5 keer gestimuleerd per behandeling.</p><p>Bij de placebogroep werden dezelfde soort naalden gebruikt maar het gebied van de TP’s in m. masseter en m. temporalis werd ontweken. Ook werd er op gelet dat de naalden niet dieper gingen dan de subcutane laag in het weefsel.</p><h4>Resultaten</h4><p>Belang: De onderzoekers hebben de studie opgezet omdat in een recente meta-analyse aangetoond werd dat dry needling niet effectief zou zijn in de behandeling van myofasciale pijn en dat placebo-gecontroleerde studies uitgevoerd moesten worden over dit onderwerp. Onderzoeken die zich richten op myofasciale pijn in het TMJ gebied, ontbraken tot dan toe.</p><p><em>Toepasbaarheid voor de praktijk:</em> In dit onderzoek is aangetoond dat een drie weken durende behandeling van MTrP’s in het temporomandibulaire gebied zorgt voor een verlaging van de door de patiënt ervaren gemiddelde pijndrempel, waarvan de gemiddelde pijndrempel bij de interventiegroep significant meer verlaagd was dan de controlegroep.</p><h4>Discussie</h4><p>Het kan moeilijk zijn om het effect van een ‘echte’ behandeling te onderscheiden van het effect van een placebobehandeling. De verlaging van de VAS waarden in beide groepen zou verklaard kunnen worden door het schijnbare effect dat een dry needling behandeling kan hebben op patiënten. Dit kan een vertekend beeld geven van de uitkomsten. Voorts was het geen grote onderzoeksgroep (52 deelnemers) en is er voorafgaand aan het onderzoek geen sample-size gecalculeerd. In de resultaten tenslotte werd niet gecorrigeerd voor de twee afgevallen deelnemers. Risico van bias werd niet besproken in dit artikel.</p><p>Refereer dit artikel als: Diıraçoğlu D, Vural M, Karan A, Aksoy C. Effectiveness of dry needling for the treatment of temporomandibular myofascial pain: a double-blind, randomized, placebo controlled study. J Back Musculoskelet Rehabil. 2012;25 4):285-90. doi: 10.3233/BMR-2012-0338. PubMed PMID: 23220812</p><h4>Referenties:</h4><ul><li>Laskin DM. Temporomandibular Joint Pain. In Ruddy S, Harris ED, Sledge CB (Eds): Kelly’s textbook of Rheumatology. W.B. Saunders Co., Philadelphia, 2001, pp. 557-567.</li><li>Kersten P, White PJ, Tennant A. Is the pain visual analogue scale linear and responsive to change? An exploration using Rasch analysis. PLoS One. 2014 Jun 12;9(6):e99485. doi: 10.1371/journal.pone.0099485. eCollection 2014. PubMed PMID: 24921952; PubMed Central PMCID: PMC4055724.</li><li>Kinser AM, Sands WA, Stone MH. Reliability and validity of a pressure algometer. J Strength Cond Res. 2009 Jan;23(1):312-4. PubMed PMID: 19130648.</li></ul>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div>
		]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Effectiveness of Dry Needling for Upper-Quarter Myofascial Pain</title>
		<link>https://spierinzicht.com/effectiveness-dry-needling-upper-quarter-myofascial-pain/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[spierinz]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 16 May 2021 13:33:48 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wetenschap]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://spierinzicht.com/?p=3076</guid>

					<description><![CDATA[Dry needling komt positief uit dit onderzoek. Behalve als we het vergelijken met de injecties. Nou komen deze injecties niet vaak voor bij de fysiotherapeut om pijn te bestrijden en we weten niet wat het effect of bijwerkingen zijn van deze injecties.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[		<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="3076" class="elementor elementor-3076" data-elementor-post-type="post">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-f1e64e2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="f1e64e2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-87725ad" data-id="87725ad" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-c7769f7 elementor-widget elementor-widget-image" data-id="c7769f7" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="image.default">
				<div class="elementor-widget-container">
																<a href="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/dry-needling-closeup.jpg" data-elementor-open-lightbox="yes" data-elementor-lightbox-title="dry-needling-closeup" data-e-action-hash="#elementor-action%3Aaction%3Dlightbox%26settings%3DeyJpZCI6MzExMywidXJsIjoiaHR0cHM6XC9cL3NwaWVyaW56aWNodC5jb21cL3dwLWNvbnRlbnRcL3VwbG9hZHNcLzIwMjFcLzA1XC9kcnktbmVlZGxpbmctY2xvc2V1cC5qcGcifQ%3D%3D">
							<img decoding="async" width="800" height="580" src="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/dry-needling-closeup-1024x743.jpg" class="attachment-large size-large wp-image-3113" alt="" srcset="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/dry-needling-closeup-1024x743.jpg 1024w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/dry-needling-closeup-300x218.jpg 300w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/dry-needling-closeup-768x557.jpg 768w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/dry-needling-closeup.jpg 1171w" sizes="(max-width: 800px) 100vw, 800px" />								</a>
															</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-99fc06a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="99fc06a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>Auteurs: Kietrys DM, Palombaro KM, Azzaretto E, Hubler R, Schaller B, Schlussel JM, Tucker M</p><p>Samenvatting: Faruk, Dharwin, Jwan</p><h4>Conclusie</h4><p>Dry needling komt positief uit dit onderzoek. Behalve als we het vergelijken met de injecties. Nou komen deze injecties niet vaak voor bij de fysiotherapeut om pijn te bestrijden en we weten niet wat het effect of bijwerkingen zijn van deze injecties. Hierdoor kan er een vraagteken gezet worden bij deze behandelmethode. Maar in vergelijking met acupunctuur, revalidatie programma of placebo komt dry needling goed uit de bus en is het een goed middel om pijn in korte termijn te bestrijden, waardoor overgegaan kan worden naar de volgende stap van de revalidatie.</p><h4>Samenvatting</h4><p>Deze samenvatting gaat over een meta-analyse van 12 onderzoeken verricht over de hele wereld. Een meta- analyse houdt in dat meerdere onderzoeken met elkaar vergeleken worden en gekeken om er iets gezegd kan worden over de uitkomst. De schrijvers van deze meta-analyse wilden graag kijken wat de invloed van dry needling is op pijn in de nek en schouderregio op de lange termijn en korte termijn van een dry needling behandeling.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
				<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3130442" data-id="3130442" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-b3669b9 elementor-toc--minimized-on-mobile elementor-widget elementor-widget-table-of-contents" data-id="b3669b9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-settings="{&quot;headings_by_tags&quot;:[&quot;h4&quot;],&quot;exclude_headings_by_selector&quot;:[],&quot;minimized_on&quot;:&quot;mobile&quot;,&quot;marker_view&quot;:&quot;numbers&quot;,&quot;no_headings_message&quot;:&quot;Er zijn geen kopteksten gevonden op deze pagina.&quot;,&quot;minimize_box&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;hierarchical_view&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;min_height&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_tablet&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_mobile&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]}}" data-widget_type="table-of-contents.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="elementor-toc__header">
						<h4 class="elementor-toc__header-title">
				Pagina inhoud			</h4>
										<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--expand" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Open inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-down"></i></div>
				<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--collapse" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__b3669b9" aria-expanded="true" aria-label="Sluit inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-up"></i></div>
					</div>
				<div id="elementor-toc__b3669b9" class="elementor-toc__body">
			<div class="elementor-toc__spinner-container">
				<i class="elementor-toc__spinner eicon-animation-spin eicon-loading" aria-hidden="true"></i>			</div>
		</div>
						</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-e7f97b3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="e7f97b3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p><a href="http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/23756457" target="_blank" rel="noopener">Dit artikel in PubMed lezen</a></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-1a877b2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="1a877b2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-4a6587a" data-id="4a6587a" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a374ff9 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="a374ff9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>De patiënten bij de 12 onderzoeken hadden allemaal last van het myofasciaal pijn syndroom, dus pijn in de schouder en nek door myofasciale triggerpoints. En de behandeling wordt gedaan door middel van dry needling. De naald word dan op de triggerpoint erin geprikt en creëert een twitch als het de triggerpoint raakt. Een twitch is een zeer vlugge aanspanning van de spier.</p>
<p>In het verleden is er eerder een soortgelijke analyse opgezet, deze ging echter over 7 onderzoeken en deze onderzoeken onderzochten meerdere regio’s van het lichaam. Uit dit onderzoek is gebleken dat dry needling een lichtelijk positiever effect heeft vergeleken met de standaard behandelingen.</p>
<p>Deze meta-analyse heeft onderzocht naar de pijn volgens de VAS pijnschaal bij patiënten die behandeld zijn met dry needling in vergelijking met:</p>
<ul>
<li>Placebo</li>
<li>Acupunctuur</li>
<li>Lidocaïne injecties, dit zorgt voor gevoelloosheid op de desbetreffende plek waar het ingespoten wordt.</li>
<li>Botuline toxine injecties.</li>
</ul>
<p>De <strong>VAS</strong> pijnschaal staat voor Visual Analoge Schale en hierbij kunnen patiënten de pijn een cijfer tussen de 0 en 100mm. Hierbij voelt de patiënt bij 0 vrijwel niks en bij 100 is de pijn ondragelijk. Er zijn twee termijnen onderzocht, namelijk direct na de eerste behandeling en na vier weken.</p>
<h4>Uitkomsten</h4>
<p>De uitkomsten zijn als volgt volgens de onderzoeken die met elkaar vergeleken zijn.</p>
<p><strong>Dry needling direct na de eerste behandeling;</strong></p>
<p>Heeft meer effect dan placebo, dit liep op tot een verschil van 40 punten op de pijnschaal in het voordeel van dry needling.</p>
<p>Maar minder effect dan lidocaïne injecties.</p>
<p><strong>Na vier weken ziet het er als volgt uit:</strong></p>
<p>Vergeleken met placebo heeft dry needling nog steeds een beter effect, wat kan oplopen tot een verschil van 36 mm op de VAS schaal.</p>
<p><strong>Lidocaïne</strong> is nog steeds effectiever om pijn te bestrijden.</p>
<p><strong>Botuline toxine injecties</strong> zijn ook effectiever om pijn te bestrijden.</p>
<p><strong>Dry needling is wel effectiever dan het normale rehabilitatietraject tegen pijn.</strong><br><strong>Dry needling is ook effectiever dan acupunctuur tegen pijn bestrijding.</strong></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div>
		]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Epimuscular myofascial force transmission</title>
		<link>https://spierinzicht.com/epimuscular-myofascial-force-transmission/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[spierinz]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 16 May 2021 12:53:20 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wetenschap]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://spierinzicht.com/?p=3129</guid>

					<description><![CDATA[Dit artikel is geschreven door Peter Huijing, een bekend fysioloog, inmiddels gepensioneerd maar nog altijd verbonden aan de faculteit der bewegingswetenschappen aan de Vrije Universiteit.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[		<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="3129" class="elementor elementor-3129" data-elementor-post-type="post">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-f1e64e2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="f1e64e2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-87725ad" data-id="87725ad" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-99fc06a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="99fc06a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>Epimuscular myofascial force transmission: a historical review and implications for new research. International Society of Biomechanics Muybridge Award Lecture, Taipei, 2007<br />Auteur: Peter A Huijing<br />Samenvatting: Daan Sindelka en Robert Arkesteijn</p><p>Dit artikel is geschreven door Peter Huijing, een bekend fysioloog, inmiddels gepensioneerd maar nog altijd verbonden aan de <strong>faculteit der bewegingswetenschappen aan de Vrije Universiteit</strong>. Voor dit werk, dat gaat over de epimusculaire myofasciale krachtsoverbrenging heeft hij in 2007 de prestigieuze <strong>Muybridge Award</strong> binnen gehaald.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
				<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3130442" data-id="3130442" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a792dcc elementor-widget elementor-widget-image" data-id="a792dcc" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="image.default">
				<div class="elementor-widget-container">
															<img loading="lazy" decoding="async" width="105" height="132" src="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/Huijing-Peter.jpg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail wp-image-3134" alt="" />															</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-e7f97b3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="e7f97b3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p><a href="https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/19041975/" target="_blank" rel="noopener">Dit artikel in PubMed lezen</a></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-1a877b2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="1a877b2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-4a6587a" data-id="4a6587a" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a374ff9 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="a374ff9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>De myofasciale krachtsoverbrenging kan mogelijk plaatsvinden door de uitgebreide bindweefselverbindingen tussen allerlei verschillende structuren. Het artikel is een review en bevat drie elementen: In de eerste plaats een <strong>historisch literatuuronderzoek</strong>, om te zien of er in de geschiedenis ook al over dit onderwerp werd geschreven, ten tweede wat dit dan betekent voor toekomstig onderzoek en tot slot hoe het onderzoek er op dit moment voor staat.</p><p>Het nadeel van anatomische werken uit het verleden is dat, om losse structuren te beschrijven, altijd gebruik is gemaakt van <strong>dissectie</strong>. Hierdoor haal je de structuren los van elkaar en tevens uit de functionele unit waarin ze in het menselijk lichaam actief zijn. Hoewel uit de literatuur blijkt dat sommige auteurs toch schreven over de uitgebreide verbindingen tussen allerlei weefsels en de belangen hiervan, werd het slechts bij de vermelding ervan gelaten. Daar komt bij dat het idee is gaan leven in de anatomiewereld dat de beschrijvingen van de anatomie en het onderzoek ernaar compleet is. Dit heeft tot gevolg dat anatomisch onderzoek bijna geen plaats meer heeft in huidig biomedisch onderzoek en dat daar tevens weinig budget meer voor is. Juist door vernieuwde technieken zoals <strong>MRI en 3D-reconstructie</strong> zou de anatomie weer onder de loep moeten worden genomen om onderlinge relaties aan te kunnen tonen.</p><p>Ondanks dit zijn er in de modernere onderzoeken (vanaf 2000) wel enkele bewijzen voor de myofasciale krachtsoverbrenging beschreven die het artikel beschrijft. Een aantal onderzoeken beschrijven dat activiteit van een spier effect heeft op de lengte en relatieve positie van synergistische spieren door onderlinge verbindingen.<br /><br /><strong>Zelfs is uit onderzoek bekend geworden dat de myofasciale krachtsoverbrenging zich niet alleen tot synergisten beperkt maar ook tot antagonisten.</strong></p><p>Kennelijk gaan de bindweefselverbindingen dwars door de verschillende compartimenten heen. Verschillende onderzoeken hebben aangetoond dat na een tenotomie van een bepaalde spier, zowel bij mensen als bij dieren, de functie deels behouden blijft. Dit kan worden toegeschreven aan myofasciale verbindingen. Naast kadaverstudies zijn er ook enkele in vivo onderzoeken die myofasciale krachtsoverdracht bevestigen. Zo is het zo dat ondanks het feit dat de flexoren van de duim en de wijsvinger twee verschillende spieren zijn, flexie van de duim toch krachtsoverbrenging laat zien op de wijsvinger, een experiment dat overigens door iedereen simpel nagebootst kan worden door de duim te flecteren en te kijken naar de wijsvinger.</p><p><strong>Op dit moment is men meer bezig met de 3D-reconstructie waarmee men de bindweefselverbindingen tussen structuren in het menselijk lichaam zichtbaar probeert te maken.</strong></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div>
		]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Treatment of myofascial trigger points in patients with chronic shoulderpain</title>
		<link>https://spierinzicht.com/treatment-myofascial-trigger-points-in-patients-with-chronic-shoulderpain/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[spierinz]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 16 May 2021 11:06:14 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wetenschap]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://spierinzicht.com/?p=3171</guid>

					<description><![CDATA[De resultaten van het onderzoek laten zien dat een 12 weken durend, uitgebreid, behandelprogramma van MTrPs in spieren van de schouder, het aantal spieren met actieve MTrPs doet afnemen bij patiënten met niet-traumatische chronische schouderpijn.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[		<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="3171" class="elementor elementor-3171" data-elementor-post-type="post">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-f1e64e2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="f1e64e2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-87725ad" data-id="87725ad" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-bf8c8b8 elementor-widget elementor-widget-image" data-id="bf8c8b8" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="image.default">
				<div class="elementor-widget-container">
																<a href="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/shoulder-pain.jpg" data-elementor-open-lightbox="yes" data-elementor-lightbox-title="shoulder-pain" data-e-action-hash="#elementor-action%3Aaction%3Dlightbox%26settings%3DeyJpZCI6MzE3OSwidXJsIjoiaHR0cHM6XC9cL3NwaWVyaW56aWNodC5jb21cL3dwLWNvbnRlbnRcL3VwbG9hZHNcLzIwMjFcLzA1XC9zaG91bGRlci1wYWluLmpwZyJ9">
							<img loading="lazy" decoding="async" width="600" height="585" src="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/shoulder-pain.jpg" class="attachment-large size-large wp-image-3179" alt="" srcset="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/shoulder-pain.jpg 600w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/shoulder-pain-300x293.jpg 300w" sizes="(max-width: 600px) 100vw, 600px" />								</a>
															</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-99fc06a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="99fc06a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>A randomized, controlled trial</p><p>Auteurs: Carel Bron, Arthur de Gast, Jan Dommerholt, Boudewijn Stegenga, Michel Wensing, Rob AB Oostendorp</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
				<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3130442" data-id="3130442" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-0d3000a elementor-toc--minimized-on-mobile elementor-widget elementor-widget-table-of-contents" data-id="0d3000a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-settings="{&quot;headings_by_tags&quot;:[&quot;h4&quot;],&quot;exclude_headings_by_selector&quot;:[],&quot;minimized_on&quot;:&quot;mobile&quot;,&quot;marker_view&quot;:&quot;numbers&quot;,&quot;no_headings_message&quot;:&quot;Er zijn geen kopteksten gevonden op deze pagina.&quot;,&quot;minimize_box&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;hierarchical_view&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;min_height&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_tablet&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_mobile&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]}}" data-widget_type="table-of-contents.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="elementor-toc__header">
						<h4 class="elementor-toc__header-title">
				Pagina inhoud			</h4>
										<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--expand" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__0d3000a" aria-expanded="true" aria-label="Open inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-down"></i></div>
				<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--collapse" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__0d3000a" aria-expanded="true" aria-label="Sluit inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-up"></i></div>
					</div>
				<div id="elementor-toc__0d3000a" class="elementor-toc__body">
			<div class="elementor-toc__spinner-container">
				<i class="elementor-toc__spinner eicon-animation-spin eicon-loading" aria-hidden="true"></i>			</div>
		</div>
						</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-e7f97b3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="e7f97b3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p><a href="http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/21261971/" target="_blank" rel="noopener">Dit artikel in PubMed lezen</a></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-1a877b2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="1a877b2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-4a6587a" data-id="4a6587a" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a374ff9 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="a374ff9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<h4>Conclusie:</h4><p>De resultaten van het onderzoek laten zien dat een 12 weken durend, uitgebreid, behandelprogramma van MTrPs in spieren van de schouder, het aantal spieren met actieve MTrPs doet afnemen bij patiënten met niet-traumatische chronische schouderpijn. Daarnaast nemen de symptomen af en is de schouderfunctie verbeterd.</p><h4>Doel:</h4><p>Het doel van de studie was om een uitspraak te kunnen doen of een uitgebreid behandelprogramma van MTrPs effectiever is bij patiënten met niet-traumatische chronische schouderpijn dan een afwachtend beleid.</p><h4>Methode:</h4><p>Vierendertig patiënten kregen 12 experimentele behandelingen bestaande uit ischemische manuele compressies bij aanwezige triggerpoints in <strong>zeventien spieren</strong>. Daarnaast bestond de behandeling uit ijzen, rekken en houdingsadvies. Als huiswerkoefeningen kregen ze mee om gebruik te maken van warmtepacking of de warme straal van de douche en te rekken. Éenendertig patiënten werden toegewezen aan de controle groep, die een afwachtend beleid kregen. Zij kregen de instructie om geen veranderingen aan te brengen in het zelfmanagement en geen andere behandelingen te starten. Indien ze wel starten met andere behandelingen moesten ze dit rapporteren.<br />Meetinstrumenten die gebruikt werden zijn de <strong>DASH, VAS-P, GPE</strong>. Daarnaast werden het aantal actieve en latente triggerpoints gemeten in 17 spieren. Deze metingen vonden in het begin, na 6 en na12 weken plaats.</p><h4>Resultaten:</h4><p>Na 12 weken behandeling was er een significant verschil te zien in vermindering van de pijnbeleving rondom de schouder van de experimentele groep ten opzichte van de controle groep.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-1043270 elementor-widget elementor-widget-image" data-id="1043270" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="image.default">
				<div class="elementor-widget-container">
																<a href="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/shoulder-pain-diagram.jpg" data-elementor-open-lightbox="yes" data-elementor-lightbox-title="shoulder-pain-diagram" data-e-action-hash="#elementor-action%3Aaction%3Dlightbox%26settings%3DeyJpZCI6MzE5OCwidXJsIjoiaHR0cHM6XC9cL3NwaWVyaW56aWNodC5jb21cL3dwLWNvbnRlbnRcL3VwbG9hZHNcLzIwMjFcLzA1XC9zaG91bGRlci1wYWluLWRpYWdyYW0uanBnIn0%3D">
							<img loading="lazy" decoding="async" width="600" height="766" src="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/shoulder-pain-diagram.jpg" class="attachment-large size-large wp-image-3198" alt="" srcset="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/shoulder-pain-diagram.jpg 600w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/shoulder-pain-diagram-235x300.jpg 235w" sizes="(max-width: 600px) 100vw, 600px" />								</a>
															</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div>
		]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Wetenschappelijke artikelen over MPS, MTrPs, Connective Tissue en Dry Needling</title>
		<link>https://spierinzicht.com/treatment-myofascial-trigger-points-in-patients-with-chronic-shoulderpain-2/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[spierinz]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 16 May 2021 10:44:41 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wetenschap]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://spierinzicht.com/?p=3229</guid>

					<description><![CDATA[Ook al is het Myofasciaal Pijn Syndroom geen levensbedreigende aandoening en is er, mede daardoor, weinig financiële ruimte voor wetenschappelijk onderzoek. Toch verschijnen er regelmatig publicaties die Spieren in relatie brengen met veel voorkomende pijnklachten en diagnosen.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[		<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="3229" class="elementor elementor-3229" data-elementor-post-type="post">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-f1e64e2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="f1e64e2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-87725ad" data-id="87725ad" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-bf8c8b8 elementor-widget elementor-widget-image" data-id="bf8c8b8" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="image.default">
				<div class="elementor-widget-container">
																<a href="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/compression-vessels.jpg" data-elementor-open-lightbox="yes" data-elementor-lightbox-title="compression-vessels" data-e-action-hash="#elementor-action%3Aaction%3Dlightbox%26settings%3DeyJpZCI6MzIzMSwidXJsIjoiaHR0cHM6XC9cL3NwaWVyaW56aWNodC5jb21cL3dwLWNvbnRlbnRcL3VwbG9hZHNcLzIwMjFcLzA1XC9jb21wcmVzc2lvbi12ZXNzZWxzLmpwZyJ9">
							<img loading="lazy" decoding="async" width="800" height="565" src="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/compression-vessels.jpg" class="attachment-large size-large wp-image-3231" alt="" srcset="https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/compression-vessels.jpg 842w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/compression-vessels-300x212.jpg 300w, https://spierinzicht.com/wp-content/uploads/2021/05/compression-vessels-768x543.jpg 768w" sizes="(max-width: 800px) 100vw, 800px" />								</a>
															</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-99fc06a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="99fc06a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p>Ook al is het <strong>Myofasciaal Pijn Syndroom</strong> geen levensbedreigende aandoening en is er, mede daardoor, weinig financiële ruimte voor wetenschappelijk onderzoek. Toch verschijnen er regelmatig publicaties die <strong>Spieren</strong> in relatie brengen met veel voorkomende <strong>pijnklachten en diagnosen</strong>.</p><p>Aartikelen-wetenschap-triggerpoints-behandelingls onderdeel van het Verdiepingprogramma Myofasciale Triggerpoints aan de Amsterdam School of Health Professions vatten studenten recente wetenschappelijke artikelen samen.</p><p>U kunt op deze manier op de hoogte blijven van onderzoeken op het gebied van het <strong>Myofasciaal Pijn Syndroom</strong>, <strong>Myofasciale Trigger Points</strong>, <strong>Fascia</strong>, <strong>Connective Tissue</strong> en <strong>Dry Needling</strong> in relatie tot pijn. Onderstaande artikelen gaan o.a. over <strong>hoofdpijn, migraine, nekpijn, kaakpijn, schouderklachten, lage rugpijn, bekkenpijn, liespijn, kniepijn, kuitpijn</strong> en <strong>hielpijn</strong>.</p><p>De onderzoeken zijn <strong>alfabetisch gerubriceerd</strong>. Kies de eerste letter van de auteur die u zoekt of klik uw zoekwoord.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
				<div class="elementor-column elementor-col-50 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3130442" data-id="3130442" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-0d3000a elementor-toc--minimized-on-mobile elementor-widget elementor-widget-table-of-contents" data-id="0d3000a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-settings="{&quot;headings_by_tags&quot;:[&quot;h4&quot;],&quot;exclude_headings_by_selector&quot;:[],&quot;minimized_on&quot;:&quot;mobile&quot;,&quot;marker_view&quot;:&quot;numbers&quot;,&quot;no_headings_message&quot;:&quot;Er zijn geen kopteksten gevonden op deze pagina.&quot;,&quot;minimize_box&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;hierarchical_view&quot;:&quot;yes&quot;,&quot;min_height&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_tablet&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]},&quot;min_height_mobile&quot;:{&quot;unit&quot;:&quot;px&quot;,&quot;size&quot;:&quot;&quot;,&quot;sizes&quot;:[]}}" data-widget_type="table-of-contents.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="elementor-toc__header">
						<h4 class="elementor-toc__header-title">
				Pagina inhoud			</h4>
										<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--expand" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__0d3000a" aria-expanded="true" aria-label="Open inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-down"></i></div>
				<div class="elementor-toc__toggle-button elementor-toc__toggle-button--collapse" role="button" tabindex="0" aria-controls="elementor-toc__0d3000a" aria-expanded="true" aria-label="Sluit inhoudsopgave"><i aria-hidden="true" class="fas fa-chevron-up"></i></div>
					</div>
				<div id="elementor-toc__0d3000a" class="elementor-toc__body">
			<div class="elementor-toc__spinner-container">
				<i class="elementor-toc__spinner eicon-animation-spin eicon-loading" aria-hidden="true"></i>			</div>
		</div>
						</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-1a877b2 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="1a877b2" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-4a6587a" data-id="4a6587a" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-a374ff9 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="a374ff9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<h4>A.</h4><p>Alburquerque-Sendín F, Camargo PR, Vieira A, and Salvini TF: Bilateral myofascial trigger points and pressure pain thresholds in the shoulder muscles in patients with unilateral Shoulder Impingement Syndrome. A blinded, controlled study. Clin J Pain 29(6):478-486, 2013</p><p>Avrahami D, Hammond A, Higgins C, and Vernon H: A randomized, placebo-controlled double-blinded comparative clinical study of five over-the-counter non-pharmacological topical analgesics for Myofascial Pain: single session findings. Chiropractic &amp; Manual Therapies 20:7, 2012.</p><h4>B.</h4><p><a href="https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/21968483/" target="_blank" rel="noopener">Ballyns Jeffrey J., PhD, Jay P. Shah, MD, Jennifer Hammond, BS, Tadesse Gebreab, BS, Lynn H. Gerber, MD, and Siddhartha Sikdar, PhD: Objective Sonographic Measures for characterizing Myofascial Trigger Points Associated with Cervical Pain</a> (nog geen samenvatting)</p><p>Barbero M, Cescon C, Tettamanti A, Leggero V, Macmillan F, Coutts F and Gatti R: Myofascial trigger points and innervation zone locations in Upper Trapezius Muscles. BMC Musculoskel Dis 14:179, 2013</p><p>Bron C. &amp; Dommerholt J. 2010: Etiology of Myofascial Trigger Points</p><p><a href="https://spierinzicht.com/treatment-myofascial-trigger-points-in-patients-with-chronic-shoulderpain/">Bron C., Arthur de Gast, Jan Dommerholt, Boudewijn Stegenga, Michel Wensing, Rob AB Oostendorp: Treatment of myofascial trigger points in patients with Chronic Shoulderpain: a randomized, controlled trial</a></p><p>Bubnov V. and Wang, J: Clinical Comparative Study for Ultrasound-Guided<br />Trigger-Point Needling for Myofascial Pain. Med Acupuncture 25(6): 437-443, 2013</p><h4>C.</h4><p>Cagnie B, Castelein B, Pollie F, Steelant L, Verhoeyen H, Cools A. Evidence for the Use of Ischemic Compression and Dry Needling in the Management of Trigger Points of the Upper Trapezius in Patients with Neck Pain: A Systematic Review.</p><p>Cagnie B, Dewitte V, Barbe T, Timmermans F, Delrue N, and Meeus M: Physiologic effects of dry needling. Curr Pain Headache Rep 17(8):348, 2013</p><p>Celik D, and Mutlu EK: Clinical implication of latent myofascial trigger point. Curr Pain Headache Rep 17(8):353, 2013</p><p>Chen KH, Hsiao KY, Lin CH, Chang WM, Hsu HC, and Hsieh WC: Remote effect of lower limb acupuncture on latent myofascial trigger point of Upper Trapezius Muscle: a pilot study. Evid Based Complement Alternat Med. Article ID 287184, 2013</p><p>Chou LW, Kao MJ and Lin JG.: Probable mechanisms of <strong>needling therapies</strong> for <strong>Myofascial Pain</strong> control. Evid Based Complement Alternat Med. Article ID 705327, 2012</p><p>Corey SM¹, Vizzard MA, Bouffard NA, Badger GJ, Langevin HM.; Stretching of the back improves gait, mechanical sensitivity and <strong>Connective Tissue Inflamation</strong> in a rodent model</p><h4>D.</h4><p>Desai MJ, Shkolnikova T, Nava A, Inwald D.: A critical appraisal of the evidence for botulinum toxin type A in the treatment for cervico-thoracic <strong>Myofascial Pain Syndrome</strong></p><p>Deng D1, Liu W, Xu F, Wu XL, Wei X, Zhong B, Cui L, Cao YL.; In vitro tendon engineering using human dermal <strong>Fibroblasts</strong></p><p><a href="https://spierinzicht.com/effectiveness-dry-needling-treatment-temporomandibular-myofascial-pain/">Dıraçoğlu D, Vural M, Karan A, and Aksoy C: Effectiveness of dry needling for the treatment of Temporomandibular myofascial pain: a double-blind, randomized, placebo controlled study. J Back Musculoskelet Rehabil 1;25(4):285-290, 2012</a></p><p>Domingo A, Mayoral O, Monterde S, and Santafé MM: Neuromuscular Damage and Repair after Dry Needling in Mice. Evid Based Complement Alternat Med. Article ID 260806, 2013</p><h4>F.</h4><p>Fernández-de-Las-Peñas C, Cuadrado ML, Pareja JA.: Myofascial trigger points, neck mobility and forward head posture in unilateral Migraine.</p><p>Fernández-de-las-Peñas C, Dommerholt J.: MYOFASCIAL TRIGGER POINTS: peripheral or central phenomenon?</p><p>Fishbain DA, Cole B, Lewis JE, Gao J.: What is the evidence that Neuropathic Pain is present in Chronic Low Back Pain and Soft Tissue Syndromes? An evidence-based structured review.</p><p><a href="https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/25322743/" target="_blank" rel="noopener">Fogelman Y, Kent J, Efficacy of dry needling for treatment of Myofascial Pain Syndrome. J Back Musculoskelet Rehabil. 2014 Oct 15</a></p><p><a href="https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC1088596/pdf/PB010229.pdf" target="_blank" rel="noopener">Fukunaga T, Kubo K, Kawakami Y, Fukashiro S, Kanehisa H, Maganaris CN.; In vivo behaviour of Human Tendon Muscle Tendon during Walking</a></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div>
		]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
